Picture
Jon Peterson en Donna Dennihy gingen een dikke tien jaar aan een stuk door het leven als ‘kitchen musicians’ in Central New York. Dit wil zeggen dat ze huizen afschuimden om dan in de keuken een concert op te luisteren.
Deze concerten gingen dan gepaard met het nuttigen van een lekker stuk taart bij een al even lekkere kop koffie en om de avond af te ronden mocht daar ook nog een pittig biertje of wijntje aan te pas komen. Bassist G.D. Bower kwam hen vervoegen en met hun drietjes stonden ze bekend als Edgy Folk.
Jon Peterson en Donna Dennihy gingen steeds vaker samen liedjes schrijven en ze waren zodanig tevreden dat ze die vers geschreven songs samenpersten op hun debuut cd ‘A Little Change’.
Nu kwam de opvolger ‘Getting Warmer’ op mijn adres terecht. Die plaat dateert reeds uit 2008, maar het loont wel de moeite om er even bij stil te staan.
Dit is folkmuziek in zijn soberste vorm, zonder enige elektrische toegift. De stemmen, die heel goed op elkaar zijn afgesteld, moeten hier het werk doen. Zowel Jon Peterson als Donna Dennihy hebben afzonderlijk ook een fraaie stem, maar het is de close harmony die de cd maakt.
Mijn voorkeur gaat wel enigszins naar de nummers waarop Donna Dennihy vocaal het voortouw neemt zoals ‘String And A Can’ of  ‘Safety Net’.
Op ijzersterke tracks als ‘Sun Glasses’ en vooral het medium tempo ‘Not My Mistake’ trekken ze alle registers open. Op ‘Lie A Little’ komt gitarist Chris Bauso mooi uit de verf en hun maatje van bij Edgy Folk, G.D. Bower verzorgt de percussie.
Op ‘Lock And Key’ klinken ze als The Everly Brothers ten tijde van de lp ‘Songs Our Daddy Tought Us’ en wanneer de taart op is en de koffiepot leeg wordt er afscheid genomen op de tonen van hun zelf geschreven ‘Auld Lang Syne’ (raise the cop to where we are).  Heerlijk plaatje.

After listening to the cd ‘Getting Warmer’ you’re bound to invite Jon Peterson and Donna Dennihy to come and sing in your kitchen.

Ivan Van Belleghem (5)


Acoustic Pie  I  Promo CD  I  Peterson & Dennihy

 
 
Picture
Jon Peterson is afkomstig van Auburn, New York en samen met Donna Donnihy schuimde hij de straten van New York af als ‘kitchen musicians’. Die samenwerking resulteerde in twee cd’s met name ‘A Little Change’ en ‘Getting Warmer’.
Het 17 tracks tellende ‘Weatherman’ zou een soloplaat van Jon Peterson moeten zijn en, jawel, hij neemt op de meeste songs het merendeel van de zang voor zich. Jon Peterson liet zich voor alle zekerheid toch maar opnieuw omringen door Donna Donnihy (zang) en G.D. Bower (bas en percussie) en lead gitarist Loren Barriger.
Het feit dat hij de meerderheid van de zangpartijen op zich neemt doet bij mij de naald in het voordeel van ‘Getting Warmer’ overhellen.
Dit wil echter niet zeggen dat ‘Weatherman’ een tegenvaller is, wel integendeel.
Mijn favoriete track is zonder enige twijfel ‘Sidewalks’ (the streets are mine, the sidewalks yours), waarbij Jon Peterson voor de gelegenheid zoet gevooisde versterking krijgt van Maureen Honesey. Op het ook al uitstekende ‘Character Flaw’ doet Jon Peterson mij een beetje denken aan de formidabele Jim Croce en ik heb zo’n flauw vermoeden dat Jon dikwijls aandachtig naar Jim heeft geluisterd.
Mits enkele wijzigingen kan het lichtvoetige ‘Happy Birthday Baby (From This Fool) worden omgezet in een leuke popsong en op ‘Tryin’’ mag Donna Donnihy opnieuw de vocale honneurs waarnemen. De rest van de tracks catalogeer ik van ‘à la bonne heure’ (Monster) tot heel fraai (Prescription To Play).

‘Weatherman’ by Jon Peterson is another fine record that reminds me now and then of the late Jim Croce.

Ivan Van Belleghem (4)


Acoustic Pie  I  Promo CD  I  Jon Peterson

 
 
Picture
Kijk, dit is nu het soort folkmuziek anno 2012 dat echt de sfeer weergeeft van de golden sixties: leuke deuntjes met een beperkt instrumentarium en er toch een bevredigende sound weten uit te halen. En dan heeft het Civil Wars duo Joy Williams en John Paul White elkaar leren kennen in het mekka van de countrymuziek, Nashville. Dus weer een feit dat niet alleen levendige countrytoontjes uit die hoek komen maar dat deze stad ook een synomien is voor het betere folkwerk de dag van vandaag. Nadat ze een live-album opnamen, en een viertracks tellende ep, was het tijd om werk te maken van hun eerste full studiocd en die mag er best wezen. En dat wij deze cd leuk vinden dat moeten ze ook geweten hebben bij het productieteam van de succesrijke hospitaal tv-reeks ‘Grey’s Anatomy’ want daar koos men om hun ‘Poison & Wine’ te gebruiken voor hun shows. Zelfs Taylor Swift is een fan van het duo en prompt zette zij ook dit nummer op haar iTunes playlist.
Dit album kun je niet song voor song belichten gezien er geen enkel zwak moment te detecteren was en dankzij het beperkte instrumentarium én de perfecte harmonisch eenheid klinken alle nummers hemels. Of je nu luistert naar bv. ‘C’Est La Mort’, ‘I’ve Got This Friend’ en daarbij nog naar ‘My Father’s Father’ of ‘Girl With The Red Balloon’, je krijgt er gewoon niet genoeg van. Hemelse lofliederen overladen je met diepe emoties. En wanneer ‘Poison & Wine’, met gevoelige zinnen als “I Don’t Love You But I Always Will’, je om de oren slaat krijgen we toch een mooi en sterk voorbeeld van hoe een man en vrouw de perikelen van een stuk gelopen relatie ondergaan. Dat onze folkies niet verveeld zitten om een cover van Michael Jackson zomaar een nieuwe identiteit te geven, kun je beluisteren in ‘Billie Jean’. Helaas niet geschikt meer voor de lokale discotent maar wel om te koesteren bij een gezellige openhaard en een glas rode wijn.
Toch wil ik er even mijn favorieten uithalen: ‘Poisin & Wine’, ‘20 Years’, het meer uptempo ‘Barton Hollow’, een fictieve plaats maar dankzij de Civil Wars krijgt deze toch een gelaat. Maar ach, zoals ik al zei, het zijn stuk voor stuk pareltjes die hier door onze luidsprekers dwarrelen. Zelfs voor de meest moeilijke en kritische muziekliefhebber zal ‘Barton Hollow’ een nieuwe bewustwording teweeg brengen.

Alfons Maes (5)


Columbia Records  I  886919 41852  I  Sony Music  I  The Civil Wars

 
 
Picture
Aan de cover te zien niet meteen een vrolijke cd te noemen maar is het spreekwoordelijk gezegde “never judge a book by its cover” dan een correcte benadering? Wel als je van dit soort muziek houdt misschien en gaat hun succesverhaal, ‘We Started Nothing’, hun debuut, een verlengde take-off krijgen? Als het aan de fans ligt zeer zeker, die kopen dit album blindweg. En krijgt hun single ‘That’s Not My Name’ die in 2008 op één kwam in de UK Singles Chart, een dergelijke opvolger? Aan Katie White en Jules DeMartino zal het niet liggen want ze hebben er weer werk van gemaakt, dat ondervond ik al na de beluistering van enkele fragmenten.
Stevig gitaarwerk, maar niet gedefinieerd, en wat (kennelijk in in deze tijd?) geschreeuw van Katie dekken de lading volledig. Daarom was het even wachten op ‘Guggenheim’ die meteen bij mij, qua melodie, hoge toppen scheert. Met ‘Soul Killing’ krijgen we een nummer dat als compositie sterk uit de verf komt en hier komen de ietwat etherische vocalen van Katie veel beter tot uiting. Toffe popplaat! Met ‘One By One’ gaan we weer de elektropoptoer op en de synthesiser krijgt hier vrij spel. Dat kan ik niet zeggen van ‘Day By Day’ dat dan weer binnen de krijtlijnen kleurt van wat men tegenwoordig een poppysound noemt.
The Ting Things zijn hot, charmant en vrolijk maar de vraag is hoe lang nog want zet je naam op zowat alle affiches ter wereld en het logische gevolg hiervan is een burnout of totale verzadiging, noem het maar hoe je het wil.
Met dit schijfje trekken ze de lijn naar stardom verder door maar of ze ooit bij mij in de schaduw zullen komen, dat valt te betwijfelen.

Alfons Maes (3)



 
 
Picture
David Watt Besley werd geboren op 28 juni 1954 in Fairfax, Virginia. Deze singer-songwriter heeft momenteel als thuisbasis St. Augustine, Florida. En deze zonnige plek weerspiegeld zich nu perfect in zijn muzikale carrière. David startte zijn muzikale loopbaan in 1968. Zijn 1e professioneel optreden was met de band Dean Blevins en de country band Gold, een project met Dean en Charlie Mankin. Vervolgens zou David 5 jaar back-up artiest zijn voor Gary Miller. Na heel wat omzwervingen belandde hij uiteindelijk bij Saucer, de groep rond de Koreaan Kim Soya. Als een van de eerste Amerikaanse bands trok Saucer de aandacht van het Engelse label Virgin Records. Toch lieten zij zich verleiden tot een lucratief contract bij White House Records in Nashville, Tennessee. En dat bleek uiteindelijk geen juiste keuze te zijn. ’Hopeless Romantic’ is de sterke opvolger van ’Believe These Days’ uit 2010. Wie houdt van ondermeer Jim Croce en Cat Stevens zal aan het juiste adres zijn. In de tien tracks bewandeld David eigenlijk zijn muzikale levensweg. ’Love’s Strange’ werd jaren geleden op papier gezet en is meteen een perfecte weergave voor David’s muzikale waardigheid. Stevige country folk net zoals op ‘Still Believin’’. ‘See You Later, So Long’ is een duet met Grove en is meteen een jongensdroom die eindelijk is geregistreerd. ‘What Would You Do’ is Americana getint door de glinsterende harpriff van Wayne Johnston. Met stevige arrangementen is ‘Yesterday Is Gone’ uitermate sterke uptempo country. Het is een song uit het andere Besley project, The North Star Band. Cat Stevens ‘On The Road To Find Out’ is een zeldzame coverversie. Naast David Watt Besley distinctieve stem is vooral multi-instrumentalist Kurt Johnston op dobro, mandoline, piano, steel gitaar, keyboard en 12-string gitaar een gedistingeerd geheel. David Watt Besley is er in gelaagd een perfect opvolger voor ‘Believe These Days’ te produceren.
And believe it !

‘Hopeless Romantic’ is really a lovely country & folk album. I was impressed about ‘Believe These Days’, but David Watt Besley pulls the strong musical line passing through. I get chills from all these romantic songs. With so much pleasure, I press my replay button ! And that means a lot…

Philip Verhaege (5)



 
 
Picture
De ironisch getitelde verzamelaar ‘Shoulda Been Gold’ was een smaakvolle bundeling van het sterkste werk van het merkwaardigste rootscollectief onder de Californische zon. Ruim een decennia timmert het combo onder leiding van het trio met de gitaristentandem Rob Waller, Paul Laques en bassist Paul Marchall aan de weg. Meer dan ooit staat de ronduit schitterende zang van Waller, gecomplementeerd met meeslepende harmoniezang, centraal. ‘New Kind Of Lonely’ is nagenoeg uitsluitend opgebouwd met composities van Waller en Laques met hier en daar enige hulp van Marchall. Het fiddlewertk van Gabe Witcher, de banjo van Ciff Wagner en de accordeon van Richie Lawrence zorgt voor subtiele instrumentale accenten. Doodeerlijke authenticeit daar draait het om bij. ’I See Hawks In L.A. die voor een sobere akoestische aanpak kiezen in verstilde en persoonlijke pareltjes als de titelsong en ‘Bohemian Highway’, dat sterk herinnert aan het vroegere werk van Gordon Lightfoot. ‘Mary Austin Sky’ vormt met prachtige gitaarpicking en sublieme vocalen één van de vele hoogtepunten. Hetzelfde kan gezegd worden van ‘Big Old Hypodermic Needle’.
‘Highland Park Serenade’ bevat dan weer enkele droevige, sfeervolle Spaanstalige coupletten met vocale assistentie van Bubba Hernandez en In ‘Hunger Mountain Breakdown’ worden de teugels even gevierd met een glansrol voor banjoman Wagner en de fiddle van Witcher maar het blijft bij een enkele oprisping en zo hoort het bij dit intimistische luisterplaatje met country en veel western.

Marvellous country album with a lot of western. The vocal parts sounds better than ever with a pure acoustic instrumentation.

Cis Van Looy (4)


Blue Rose  I  WSR 006  I  CD Baby  I  Hemifran  I I See Hawks In L.A.

 
 
Picture
In een niet eens zo ver verleden vertolkte Kenneth Brian nog de rol van Hank Williams, de oude welteverstaan, in de theateropvoering ‘Lost Highway’ die lange tijd werd opgevoerd in het Zachary Scott Theatre in Austin waar Brian vanuit Nashville verzeilde. Ondertussen verhuisde hij naar Alabama waar hij aan de slag gaat met ‘the real thing’. In dit geval is dat onvervalste southern rock uit Alabama en omstreken. Lynyrd Skynyrd tekende in vroege jaren zeventig de krijtlijnen van het genre uit en meer recent triomfeerde Drive By Truckers vanuit de bakermat Alabama. Brian en kompanen luisterden uiteraard bijzonder aandachtig ook naar die andere vaandeldragers The Allman Brothers uit buurstaat Georgia. De enige cover ‘Nothing You Can Do’ is overigens van de hand van Dickey Betts en de Allmans signatuursound wordt hier vlekkeloos gereconstrueerd door Brian en zijn gitaarbuddy en tevens harmoniezanger Travis Stephens, die overigens voortreffelijke assistentie krijgt van Bonnie Bramlett. De bijna gelijknamige Randall Bramblett (Sea Levell, Cowboy) verzorgt het fraaie toetsenwerk in het lekker vlot weghappende ‘Texas By Tonight’, een welgemeende ode aan de Lone Star State.
In het overige, zelfgecomponeerde werk met name de titelsong, ‘Tonight We Ride’ en het epische ‘The Fall’ waart de geest van eerder genoemde iconen uit de southern rock onmiskenbaar rond. Ook de productie van Capricorn kopstuk Johnny Sandlin is hier wellicht niet vreemd aan. ‘Holdin On’ is superieure countryrock met een glansrol voor de steelgitaar van veteraan James Pennebaker, die eveneens in het vertederende, Everlyaans klinkende duet met Lillie Mae Rische figureert in combinatie met de slide gitaar van voormalige Trucker Jason Isbell. Eigenlijk heeft Kenneth Brian al dat gerenommeerd muzikantenvolk niet echt nodig, zoveel is duidelijk na beluistering van de akoestische slotsong ‘Cry To The Dark’.

Cis Van Looy (4)


Southern Shift Records  I  SSR  001  I  Sonic RendezVous  I  Klanderman Promotion  I  Kenneth Brian

 
 
Picture
Enige luiheid kan je deze Canadese singer-songwriter bezwaarlijk aanwrijven, in nauwelijks zeven jaar bracht Stagger evenveel studioplaten uit naast een liveregistratie en een samenwerkingsproject met Tim Easton en Evan Philips.
De uitmuntende voorganger ‘Little Victories’ kwam met zijn vertrouwde begeleidingsband The Wildflowers tot stand. Tijdens een tournee met nieuwe begeleiders bivakkeerde hij gedurende een korte break in de befaamde Club Roar Studio in Nashville. De afstand met zijn geboortestreek en de input van nieuwe muzikanten werkt inspirerend. Stagger neemt geen blad voor de mond in het titelnummer waarin hij het ecologische beleid van zijn thuisstaat Alberta en de uitverkoop aan de nucleaire industrie met de onvermijdelijke rampzalige gevolgen voor de ongerepte natuur hekelt. ‘Radiant Land’ vormt samen met de verstilde ballade ‘For The Love Of You’, ‘Message Of Love’ en het hoopvolle ‘Light That Guides You Home’ een wonderbaarlijk kwartet. In andere nummers zoals ‘Capatalism’ (Must Die!) haalt de jonge Canadees feller uit en neemt het op voor de werkende klasse, in deze hoek vallen nog steeds de hardste klappen, vooral in deze harde wereldwijde recessieperiode. De uitwaaierende gitaren van Stagger en Evan Ushenko zetten dit statement kracht bij maar imponeren evenzeer in ruige countryrock die refereert naar Mellencamp en de nog jonge en destijds rebelse Steve Earle.
De Duitse platenfirma Blue Rose maakt zich overigens sterk dat Leeroy Stagger zich binnen afzienbare tijd tussen Earle en andere coryfeeën van de Noord-Amerikaanse singer-songwritersgilde zoals Ryan Adams en John Hiatt zal nestelen. Een stoute uitspraak, als Stagger verder gaat op het indrukwekkende niveau van ‘Radiant Land’ gunnen we het deze jongeman die talent met engagement combineert van harte.

Cis Van Looy (4 tot 5) 


Blue Rose  I  BLU DP0563  I   Sonic RendezVous  I  Klanderman Promotion  I  Leeroy Stagger

 
 
Picture
Mathis Haug werd in 1976 ergens in het Zwarte Woud geboren en groeide op met Duitse liedjes die zijn oma hem aanleerde. Momenteel momenteel is hij gehuisvest in het Franse Nimes en ‘Playing My Dues’ is zijn solo debuut.
‘Playing My Dues’ is geen slechte plaat, maar ik ben er na beluistering ook niet vrolijker op geworden. Je kunt met de beste wil van de wereld geen label op zijn muziek kleven en dat vind ik zelfs een pluspunt. Soms zingt hij iets dat in de buurt van de blues komt zoals ‘Family Fire’ en de banjo van Haug himself verricht hier wonderen. Mathis Haug durft zelfs schaamteloos in de omgeving van The Louvin Brothers komen met ‘The Caretaker’s Parade’.
Meestal klinkt zijn parlando inktzwart en nummers zoals ‘Playing My Dues’, ‘5 mn Conspiracy’ en ‘A Certain Frame Of Mind’ klinken als ‘Leonard Cohen sings the blues’.
In het luchtigere ‘Pickpocket’ hoor ik een snuifje Elliott Murphy. De teksten van Mathis Haug zijn voortreffelijk maar hij slaagt er niet in zijn Europese accent weg te moffelen, maar dat kan ook zijn charme hebben. Ik zou hem in ieder geval eens graag in zijn moedertaal horen zingen en dan kunnen we misschien ook nog de term Franse chanson aan de reeks door Haug beoefende muziekgenres toevoegen.
Mathis Haugh is een uitstekende gitarist en hij speelt mooi ingetogen slide op ‘The Wind Blew Strong’ en hier is de invloed van Elliott Murphy nog duidelijker hoorbaar.
‘Playing My Dues’ is een plaat die men best niet op een nuchtere maag tot zich neemt want er zou wel eens een lichte vorm van indigestie om de hoek kunnen gluren.

Ivan Van Belleghem (3)


Dixiefrog Records  I  DFGD 8714  I  Parsifal  I  Mathis Haug

 
 
Picture
ok voor ons was deze band een volkomen nobel onbekende band. Maar niet getreurd, het kan verkeren zei Brabo ooit. En ook hier zal alleszins heel snel verandering in komen. Deze band zal in de toekomst wel op heel wat zomerpodia te bewonderen zijn. The Mighty Ya-Ya zijn een kwartet dat als thuisbasis de stad van Phillips heeft. Jawel, recht uit Eindhoven komen Little Louis van Empel (zang, gitaar), Aart van der Wulp (mondharmonica), Geurt Engelsman (bas) en Gabriël Peeters achter het drumstel. Organische drums en baslijnen, een harmonicaspeler die nu eens niet binnen de lijntjes kleurt en een gitarist die gewetenloos de grenzen aftast en de originaliteit laat hoogvieren. Van bij het openingsnummer ‘Mercury’s Rising’ doet de sound mij onverwijld sterk terugdenken aan wijlen Lester Butler en zijn superband The Red Devils en ‘13‘. De elf originele tracks van Little Louis uit dit titelloos album klinken alvast veelbelovend. Met een ijzersterke arrangementen en een aangenaam stemtimbre gaat het album vlotjes door onze woofer. In ‘Hurricane Made By A Butterfly’s Wings’ wordt terecht wat stoom afgeblazen. Maar ‘Momo Konana’ laat ons alweer blij en welwillend swingen. De mambo-achtige percussie vindt hier vlotjes overgang in de harp groove en de elektrische gitaarsound van Little Louis. De heavy gitaarlicks in ‘Slipping Away’ halen meteen wat herinneringen op aan een prille Led Zeppelin. Melodieus gaat het gestaag en crescendo de hoogte in met ‘Chasing The Dragon‘. Net zoals in het klassieke amplified en mysterieuze ’Trouble Soon Be Over’. De bombastische en laconieke instrumentale ‘Een Scheet en Drie Knikkers’ had voor de buitenwereld wel een andere hoofdtitel mogen hebben. Maar wie zal hierom malen? Wij alleszins niet, het is zo goed gestructureerd dat het prima tot het geheel behoord. The Mighty Ya-Ya hebben er alvast een fan bij. En nu jij nog !!

The official cd launch party will be at The Rambler, Eindhoven on March 11th. 2012. Free Entry… Be there and let the party begin!

Philip Verhaege (5)