Dit is één van de belangrijke groepen uit de geschiedenis van de Krautrock. Maar de eerlijkheid gebied te zeggen dat ze eigenlijk de grondleggers waren van de Ambient muziek. In 1969 startte het trio Hans Joachim Roedelius, Conrad Schnitzler en Dieter Moebius als Kluster. Schnitzler was duidelijk de drijvende kracht van het trio dat als motto had zoveel mogelijk plezier te maken. Ondanks de anarchistische manier van werken slaagde Kluster er toch in twee platen te maken; ‘Klopfzeichen’ (1970) en ‘Zwei Osterei’ (1971), allebei op het Schwann-label. Er is ook nog een plaat in eigen beheer ‘Eruption’ (1970). Wanneer Schnitzler de groep verliet voor een ander project, hij zou later ook nog even bij Tangerine Dream passeren, besluiten Moebius en Roedelius als duo verder te gaan. Kluster wordt Cluster. Ze krijgen er zelfs een lid terug bij, Conny Plank. Maar in de praktijk is hij meer dan wat dan ook producer en geluidstechnicus, eerder dan groepslid. Cluster maakt in totaal 14 platen. De groep werkte ook met andere muzikanten samen, o.a. met de oprichter van Neu!, Michael Rother, werden verschillende albums opgenomen onder de naam Harmonia. Op het album ‘Tracks and Traces’, opgenomen in 1976 en uitgebracht in 1997 speelde ook Brian Eno mee. Eno werkte ook af en toe met Cluster samen, en die muzikale projecten werden gebundeld op Cluster & Eno (uitgebracht in 1977 onder de naam Cluster & Eno) en ‘After The Heat’ (uitgebracht in 1978 onder de naam Eno Moebius Roedelius)
Het album ‘Cluster II’ is echt wel prominent te noemen in de ontstaansgeschiedenis van het Ambient-genre. De vergelijking met het eerste album van Cluster is bijna onmogelijk, die plaat telde amper melodieën of beats. Neen, dan is ‘Cluster II’ wel even anders. ‘Plas’ begint met een enorme bang die lang uitdeint om dan over te gaan in een ritme op gang gebracht door sequencers waar dan stilaan een beat te ontwaren valt die verder uitgewerkt wordt. Het imposante ‘Im Süden’ start op met een messcherpe gitaar die afgelost wordt door synthesizers, orgel en andere gitaren. De opbouw verloopt traag maar zeker en resulteert in een welluidende compositie die nergens stokt. In ‘Für die Katz’ staat één sequencer-partij centraal, het is dan ook maar een kort nummer. ‘Live in der Fabrik’ is levendig en springerig en imiteert vooral de fabrieksgeluiden op synthesizers. Gelukkig klinken die helemaal niet metaalachtig wat maakt dat deze muzikale ervaring niet aliënerend te noemen is. Voor de echte liefhebbers van ambient waarschijnlijk het hoogtepunt van de plaat. Persoonlijk hou ik meer van die stukken die een beetje naar de progressieve rock neigen en die heel wat korter zijn. De laatste twee composities op deze plaat zijn wel korter maar even experimenteel. In ‘Georgel’ lijkt het aanvankelijk te gaan om een draaiorgel op laag toerental maar het evolueert naar een postoraal klavierenspel. Op de afsluiter van de plaat ‘Nabitte’ gaat een piano loos met vocale ondersteuning. Ambient, dus maar niet van het rustige soort.
This second album of Cluster captures the Moebius – Roedelius duo in a very experimental mood. It is an interesting album but only lovers of pure ambient and experimental music will appreciate this record 100%.
Peter Desmet (2 tot 3)
David Arkenstone heb ik zojuist voorgesteld met zijn ‘Myths and Legends’ project. David heeft zichzelf steeds een soort van schilder met geluid gevonden. En nu experimenteert hij met verschillende nieuwe geluidstexturen. Deze dubbel-cd is daarvan het resultaat. Hoe meer hij eraan werkte, hoe meer hij ervan overtuigd geraakte dat de muziek sterk beïnvloed was door zijn recente trip naar Japan. De sound is anders dan zijn overige werk, want ze is elektronisch en ambient. Het zijn klanktapijten, die toch ontspannend werken. Je zou ze zelfs bij lounge kunnen onderbrengen. Het zijn David zijn impressies en herinneringen, die hem doen verlangen naar een nieuw bezoek. Ze dompelen je onder zodat je associaties in je geest krijgt.
A different sound from David Arkenstone, but nevertheless relaxing and ambient.
Patrick Van de Wiele (3 tot 4)
Ambiente, ritmische wereldmuziek. Een buitengewone panculturele muzikale ervaring, gecomponeerd, uitgevoerd en geproduceerd door vier internationale artiesten: Richard Gannaway, Jay Oliver, Miriam Stockley en Sandeep Chowta. De vier pijlers van deze muziek zijn: 1. jeugd: de vibrerende en ongedwongen menselijke aanwezigheid als een gemakkelijk voorbeeld van schoonheid, hyperintelligentie en broederlijkheid; 2. de huidige cyclus van verandering en zijn noodzaak aan tolerantie; 3. de singulariteit van muziek, kleur, vorm en beweging; 4. het overweldigend bewijs dat elk natuurlijk systeem eenheid, muziek en liefde is. Richard Gannaway is de stichter en visionair achter deze Aomusic, Jay Oliver bespeelt de meeste instrumenten, maar vooral keyboards. En Miriam Stockley treedt op als zangeres alhoewel ze bijgestaan wordt door kinderkoren van overal ter wereld (Beijing, Johannesburg, the Republic of Georgia, Asheville en Orlando). Miriam is ook de stem van de groep Adiemus. Samen werkten ze al samen met Sheryl Crow, The Eagles, Celine Dion, Bonnie Raitt, Chaka Khan, Mike Oldfield, Freddie Mercury en Brian May van Queen, en scheppen ze een vibrerende ambiente ritmische muziek die ik vooral bij wereldmuziek zou rangschikken. Zo componeerden ze de themamuziek voor de Olympische Spelen in Bejing in 2008. Miriam was ook te horen op de soundtrack van de film ‘The Lord of the Rings’. Aomusic wil een non-profit organisatie zijn die de koren van de landen waar kinderen het moeilijk hebben door oorlog, natuurrampen en politieke onrust, een helpende hand toesteekt.
Aomusic, your sound is a global experience, with a rhythmic base and various children choirs. I would categorize it within world music, but with a hint of New Age.
Patrick Van de Wiele (3)
AO Music Arcturian Gate • AOM0907 • Distr.:
www.aomusic.com