Omdat hij inmiddels zoveel tourde in Europa en hij ook nog eens bij een Franse platenmaatschappij zat, verhuisde Murphy in 1990 naar Parijs, waar hij trouwens nu nog altijd woont met zijn Franse vrouw Françoise en zijn zoon Gaspard. Terwijl het succes in de Verenigde Staten uitbleef, kon Elliott Murphy echter wel rekenen op erkenning door meer bekende collega’s zoals Elvis Costello, Lou Reed, Peter Buck, Tom Petty, John Mellencamp of The Violent Femmes. Vaak brachten zij ook covers van zijn songs. Tijdens de Europese tournee van Bruce Springsteen in 1996 werd Murphy – trouwens in diens nieuwe thuisstad Parijs - op het podium uitgenodigd om samen met The Boss een van zijn eigen nummers te zingen: "Rock Ballad". Met de lichtstad heeft Elliott Murphy dus een wel heel bijzondere band. Dat blijkt trouwens eveneens uit zijn recentste release Beauregard (1998), want bij het begin van deze plaat is het geluid van de klokken van de Notre Dame te horen. Veelzeggend is echter dat de plaat inhoudelijk nog altijd vooral gaat over het geboorteland van deze "expat"...
Elliott Murphy heeft dus nooit het grote succes gekend, maar hij is inmiddels wel uitgegroeid tot een ware cultheld. Al jarenlang produceert hij zowat aan de lopende band gitaarjuweeltjes met teksten van een uitzonderlijk hoge literaire kwaliteit. Om die reden wordt hij door sommigen wel eens de "laatste der rock-poëten" genoemd. Dat Murphy een man is die naast de gitaar behoorlijk goed de pen weet te hanteren, wordt trouwens bewezen door het feit dat hij ook een roman - Cold and Electric – heeft gepubliceerd, evenals verschillende verhalenbundels. De man is ongetwijfeld een van de meest opmerkelijke verhalen in de geschiedenis van de moderne rock ’n roll, die dan ook beslist de moeite waard is om gezien en gehoord te worden.



RSS Feed