Slade (Get Down And Get With It)
Alvin Stardust (My Coo-Ca-Choo)
The Sweet (Fox On The Run)
Rubettes feat. Alan Williams (Juke Box Jive)
In de komende maanden worden nog meer namen bekendgemaakt.
Slade stormt in 1971 met ‘Get Down And Get With It’ de charts binnen en groeit met harde maar makkelijk in het gehoor liggende muziek met eenvoudige teksten uit tot één van de succesvolste en meest invloedrijke bands van de eerste helft van de jaren zeventig. Met songs als ‘Coz I Luv You’, ‘Take Me Bak ‘Ome’, ‘Mama Weer All Crazee Now’, ‘Cum On Feel The Noize’, ‘Skweeze Me, Pleeze Me’ en ‘Merry Xmas Everybody’ schuift de band moeiteloos Wizzard, The Sweet, T. Rex, Suzi Quatro, Mud, Smokie, Gary Glitter, Roxy Music en David Bowie opzij in de hitparades. Van 1971 tot 1976 scoort Slade 17 opeenvolgende top 20-hits, waarvan er 6 de eerste plaats halen. In de jaren tachtig is Slade weer helemaal in na zijn optreden op het heavymetalfestival van Reading, waar ze Ozzy Osborne vervangen. Hits vanaf dan zijn ‘We’ll Bring The House Down’ (1981), ‘My Oh My’ (1983), ‘Run Runaway ‘(1984) en ‘Radio Wall Of Sound’ (1991).
Bernard Jewry zegt in het begin van de jaren zestig het schoolleven vaarwel, vormt zijn eerste groep en krijgt op zeventienjarige leeftijd een eerste platencontract aangeboden. Onder de naam Shane Fenton brengt hij zijn eerste vier hitsingles uit. In 1973 zoekt hij aansluiting bij de glamrock en breekt hij internationaal door onder zijn nieuwe artiestennaam Alvin Stardust. Zijn single ‘My Coo-Ca-Choo’ wordt wereldwijd een nummer 1-hit en prijkt zes maanden lang in de charts. Talrijke internationale successen volgen, waaronder de toppers ‘Jealous Mind’, ‘Red Dress’, ‘You You You’ en ‘Good Love Can Never Die’. In de jaren tachtig haalt Alvin Stardust met ‘Pretend’ opnieuw de eerste plaats in de hitlijsten. Zijn drie volgende hits zijn ‘I Feel Like Buddy Holly’, ‘I Won’t Run Away’ en ‘So Near To Christmas’.
Eind jaren zestig, begin jaren zeventig is de bubblegum populair als muziekstijl bij de tieners. Begeleiding door een hammondorgel, handgeklap, doo wop-achtergrondzang en de heel eenvoudige refreinen zijn typerend voor deze muziek. Zo scoort de in 1968 opgerichte band Sweetshop, korte tijd later The Sweet genoemd, zijn eerste successen met de vrolijke bubblegumsongs ‘Poppa Joe’, ‘Funny Funny’, ‘Little Willy’ en ‘Wig-Wam Bam’ van Chinn en Chapman. Het Amerikaanse songschrijversduo levert andere songs aan wanneer blijkt dat de groepsleden de eigen hardere B-kantjes en albumtracks vol rockgitaargeweld verkiezen. Wanneer in de vroege jaren zeventig zowel de heavy metal en hardrock als de glamrock hun opwachting maken, bepaalt The Sweet met zijn rauwere singles ‘Blockbuster’, ‘Hell Raiser’, ‘Ballroom Blitz’, ‘Teenage Rampage’ en ‘The Six Teens’ mee de richting. In 1974, een jaar nadat de samenwerking met Chinn en Chapman is stopgezet, wordt ‘Fox On The Run’ hun eerste zelfgeschreven grote hit.
Na de bubblegum en naast de glamrock beleeft in de jaren zeventig de teenyboppermuziek zijn glorietijd. De songs liggen makkelijk in het gehoor, zijn vlot mee te zingen en spreken door hun thema’s de tieners aan. The Rubettes kunnen zich zowel een glamrock- als een teenyboppergroep noemen. Witte ‘oversized’ maatpakken, witte petten, hoge stemmen en de strakke act waarmee ze furore maken bij hun vele tv-optredens vormen hun handelsmerk. De Britse groep wordt in 1974 op slag wereldberoemd met ‘Sugar Baby Love’, dat met meer dan acht miljoen exemplaren één van de best verkochte singles uit The Seventies wordt. Vijftien andere internationale successen volgen, waaronder ‘Tonight’, ‘Juke Box Jive’ , ‘I Can Do It’, ‘Little Darling’, ‘Foe Dee O Dee’, ‘You’re The Reason Why’ en ‘Baby I Know’.
Kaarten kosten 22,50 – 30 – 37,50 – 45 euro.
RSS Feed