Keys & Chords


Music was our first love... and it will be our last.

Ben Fong-Torres: Gratefeul Dead Scrapbook:

The long strange trip in stories, photo’s and memorabilia.

De Grateful Dead was een Amerikaanse rock, folk en countryband die actief was in de periode 1965-1995. Gedurende haar bestaan kende de band een opmerkelijk stabiele bezetting, alleen op toetsen zijn er vele wisselingen geweest. Leadgitarist Jerry Garcia fungeerde voor de buitenwereld als boegbeeld van de groep en een Grateful Dead zonder Jerry is géén Grateful Dead.

De Dead kwam op halverwege de jaren '60, samen met de andere psychedelische bands uit San Francisco Bay Area, Jefferson Airplane en Quicksilver Messenger Service, tijdens de ontwikkeling van de hippie- en jeugdcultuur in de Verenigde Staten. De groep begon als Mother McCree's Uptown Jug Champions, dat werd later The Warlocks, maar tenslotte koos men voor de naam The Grateful Dead. De keuze van de naam is altijd een bron van speculatie geweest…
The Grateful Dead, (later liet men ‘The’ vallen) was de huisband van de Merry Pranksters van Ken Kesey, die met het geld dat hij verdiende met zijn boek ‘One Flew Over The Cuckoo’s Nest’ (filmversie met Jack Nicholsen in de hoofdrol) diverse happenings organiseerde (zie bijvoorbeeld Tom Wolfe’s boek The Electric Kool-Aid Acid Test). Psychedelische drugs, en dan met name LSD (legaal in de VS tot oktober 1966), waren daarbij ruim aanwezig om de geest te bevrijden of te verruimen, en het beïnvloedde de muziek van de Grateful Dead (maar ook andere gelijkaardige bands) op ingrijpende wijze: in een paar jaar tijd was de oorspronkelijke dans- en R&B-band veranderd in een psychedelische underground band met zéér speciale muzikale ambities.
De Grateful Dead trad vaak gratis op in de parken en zalen van San Francisco, wat in de eerste jaren zeer weinig geld, maar tegelijkertijd veel goodwill opleverde. Dankzij Warner Brothers kreeg de band zijn eerste contract, met voor huidige begrippen ruime voorwaarden. Zo mocht de band zelf beslissen welke muziek er op de elpees werd gezet, en dat feit hebben ze zich daar door de jaren heen beklaagd.

grateful podium

De eerste titelloze elpee (1967) werd in 3 dagen opgenomen en klinkt zeer energiek, maar is niet representatief voor de concerten die de groep toen gaf, en achteraf was de band er ook niet geweldig enthousiast over. Dat werd gecorrigeerd met ‘Anthem of the Sun’ (1968) dat ongeveer 8 maanden kostte om te maken en een poging is om live- en studio-opnamen te combineren. Een artistiek succes, maar niet het commerciële succes waarop de band en de platenmaatschappij hoopten. Dat werd niet beter bij de uit studio-opnamen bestaande 3e elpee, ‘Aoxomoxoa’ (1969). (De titel is een palindroom, bedacht door Rick Griffin, (een van de vele schitterende concertposters ontwerpers voor de Fillmore en andere zalen in SF)).
In dat jaar werd vervolgens uit zowel economisch (goedkoop) als artistiek oogpunt (de Dead moest het juist hebben van live-optredens) de meest logische stap gezet: een dubbel live elpee verscheen onder de titel ‘Live/Dead’. Dit hoogtepunt in het oeuvre met lang uitgesponnen improvisaties en de “signature tune” ‘Dark Star’ keerde de kansen van de band, maar het leverde nog niet voldoende op om aan alle schulden te kunnen voldoen.
Net als Woodstock symbool werd voor de zonzijde van de jeugdcultuur, werd het fiasco bij Altamont (waarop de Rolling Stones film ‘Gimme Shelter’ is gebaseerd) symbool voor de schaduwzijde. De Grateful Dead keerde bewust of onbewust terug naar haar countryroots (tenslotte was leadgitarist Jerry Garcia onder meer banjospeler in een bluegrassband) en bracht in 1970 tot verrassing van vriend en vijand de platen ‘Workingman’s Dead’ en ‘American Beauty’ uit met uitsluitend korte, sterke en op akoestische leest geschoeide songs, zonder de zo bekende uitgesponnen improvisaties. Dit bracht eindelijk het nodige commerciële succes, hoewel de bandleden pas jaren later echt de financiële vruchten zouden plukken van het harde werk.
Financieel beheer is nooit een sterk punt geweest van de band, en de Dead heeft in het grootste deel van zijn bestaan dan ook eigenlijk steeds moeten toeren om het hoofd boven water te houden en in steeds grotere hallen, op een pause halverwege de jaren ’70 na. Maar vreemd genoeg beschikten ze over een eigen Boeing waarmee ze op frequente tijdstippen een pak fans mee op toernee namen in Europa. Natuurlijk in eigen land en in Canada, maar ook in Europa (de eerste tour daar in 1972) en zelfs Egypte, waar de Dead als eerste westerse groep heeft mogen spelen bij de piramides van Gizeh, oogstten zij zeer groot succes. Een ander referentiepunt om de kwaliteit van de band te meten was o.m. het Watkins Glen festival, waar volgens welingelichte bronnen een goede 600.000 mensen op afkwamen op een concert van slechts 3 bands: The Allman Brothers Band, The Band en de Grateful Dead.

grateful-dead

De breuk in de undergroundcultuur in 1969 had een blijvende weerslag op de muziek van de Dead. Live was er in eerste instantie nog niet zoveel aan de hand: de scherpte, intensiteit en vernieuwingsdrang van de eerste jaren waren verdwenen, maar de grote ervaring en de bereidheid onbekende paden te betreden leverde in de eerste helft van de jaren zeventig nog steeds veel mooie momenten. De concertbezoeker had niet te klagen: concerten van 4 uur waren geen uitzondering, vaak met 1 akoestische set en 1 of 2 elektrische sets. Maar ook de tientallen fans die geld zagen in het maken van een bootlegalbums, waren steeds welkom op deze concerten. Garcia moedigde de piraten steeds aan om hun micro zo hoog mogelijk de lucht in te steken om zo een beter geluid te kunnen registreren. Enkele albums later horen we niet meer dezelfde Grateful Dead als tevoren: minder sterke nummers behuizen de vinyls langs beide kanten en ze kiezen vanaf nu voor een ‘vreemde’ producer iets wat zij tot op dat moment steeds zelf in handen hadden. Maar ‘Blues for Allah’, met hier en daar wat jazzinvloeden, past niet in hun huidige sound.
Gaandeweg begon het eindeloos touren zijn tol te eisen. De spanning tussen de bandleden liep in die jaren op, mede veroorzaakt door het veranderde druggebruik: de geestverruimende (en groepsversterkende) middelen werden ingeruild voor alcohol en meer hardere drugs als heroïne en cocaïne. Zo balanceerde Jerry Garcia in 1986 enkele maanden op het randje van de dood toen hij in een diepe coma lag, veroorzaakt door een combinatie van suikerziekte en langdurig druggebruik.
Merkwaardig genoeg had de Dead in 1987, in de herfst van haar carrière, een heuse hit in de vorm van ‘Touch of Grey’, een catchy liedje over ouder worden. Ondanks het feit dat de band in de jaren ’80 en begin jaren ’90 ruimschoots over haar artistieke hoogtepunt was, begon het geld binnen te rollen: de band verdiende met concerten jaarlijks meer dan illustere grootheden als The Rolling Stones, U2 en Paul McCartney. Grote groepen fans, of om het in Dead termen uit te drukken, Deadheads, (zie hoger, want niet alle fans konden in dat vliegtuig) volgden de band op tournee, wat een indicatie is van hun fanatisme, maar wat tegelijkertijd ook wat zegt over de concerten zelf: in de historie van de band is geen enkele identieke show te vinden. Al hun shows hadden een eigen label.
Helaas overleed Jerry Garcia, het meest tot de verbeelding sprekende groepslid (hoewel hij de rol van frontman graag op Bob Weir afschoof), in 1995 aan een hartaanval in een afkickkliniek. Zijn dood betekende het finale einde van de Grateful Dead. De overige leden traden in latere jaren nog op onder de naam The Other Ones. Sinds 2003 treden voormalige leden van de Grateful Dead met gastmuzikanten weer op als The Dead. Bob Weir treedt daarnaast regelmatig op met zijn band RatDog en Phil Lesh met zijn groep Phil Lesh & Friends, met zo nu en dan leden van Phish, Grateful Dead, Ryan Adams, John Scofield, Warren Haynes, Chris Robinson en anderen. Op internet is de Grateful Dead nog springlevend, getuige (onder meer) de uitgebreide website www.dead.net.
De culturele waarde van de Grateful Dead is vooral dat zij dertig jaar lang vaandeldrager zijn gebleven van de idealen van de hippiebeweging, en het is opmerkelijk dat er zich telkens nieuwe generaties wereldwijd fans hebben aangediend. Verder heeft de Grateful Dead aan de wieg gestaan van het 'jam band genre', een vooral in de Verenigde Staten populaire muzieksoort, met groepen als Phish en The String Cheese Incident.

MickeyRed_Rocks08-11-87

De muzikale waarde ligt, naast een stapel uitstekende songs, in de vaak virtuoze exploraties op het voor jazz- en avantgardeliefhebbers interessante terrein van de groepsimprovisatie. Die muzikale kwaliteit wordt nog steeds niet alom onderkend - het flowerpower imago heeft het zicht op de grote muzikale rijkdom van de band flink vertroebeld.
Voor de Dead zijn talloze psychedelische concertposters gemaakt, onder meer door de beroemde grafische kunstenaars Rick Griffin en Victor Moscoso.
The Grateful Dead stonden amateur-opnames (zie hoger) van hun optredens altijd toe. Dit leidde ertoe dat bij optredens er steeds meer amateur-apparatuur in de buurt van het podium stond, waardoor de officiële apparatuur zelfs in het gedrang kwam. Hierop werd besloten om speciale soundboard-kaartjes te verkopen, waarbij amateurs de gelegenheid kregen op een vaste plek opnames te maken (dit was meestal achteraan in de zaal). Deze opnames werden hierdoor van hoge kwaliteit. De website Internet Archive host tegenwoordig deze opnames.
Na onderhandelingen met de overgebleven leden van The Grateful Dead is wel besloten dat de soundboard-opnames alleen als stream kunnen worden beluisterd. Dus geen downloads. Het laatste concert dat ik van de Dead meemaakte was, en het jaartal (jaren tachtig) ben ik vergeten, in de Grugahalle in Essen (Duitsland) waaruit ook sommige Rockpalast Live concerten werden uitgezonden.

warlocks

Dit boek verteld u dus alles over The Grateful Dead maar dit is niet zomaar een boek: op iedere pagina vind je wel een replica van een item dat met hun leven, concerten en langspelers te maken heeft. Posters, contracten, en zelfs een complete replica van het programmaboekje, en VIP-card, van hun concert in Egypte, de complete stamboom van de band, kerstkaarten, en daarbovenop krijg je nog een leuke cd met een interview van een goede 90 minuten.
En om dit af te sluiten gebruik ik de wijze woorden van wijlen Bill Graham:
The Grateful Dead: “Ze zijn niet de besten in wat ze doen maar zij zijn wel de enigen die kunnen en mogen doen wat ze willen doen.”

Alfons Maes *****

0 Comments