Patrick Roefflaer: Bob Dylan in de studio
Dankzij deze Hasseltse architect krijgen we nu het volledige achtergrond verhaal van Dylan’s langspelers.
Het zal zowat november 1961 zijn geweest dat Dylan zijn eerste plaat opnam en dat is toch een hele prestatie voor een man die op 24 mei 2011 zeventig wordt. Met deze gegevens wil ik gewoon de vraag stellen wie het hem nadoet? Dat Dylan niet de meest aangename figuur was om mee te werken had ik reeds jaren geleden al ontdekt in Al Kooper’s ‘Backstage Passes & Backstabbers Bastards’ een biografie voor mij persoonlijk nog steeds een van de allerbeste ooit geschreven. Wie ooit een Dylan-concert meepikte weet dat de man zo goed als geen bindteksten heeft en het publiek mag zich gelukkig prijzen als het al een “Hello” of een “Goodbye” mag horen…
Maar Patrick gaat hier nog verder want wat hij tijdens drie jaar neerpende op zijn eigen blog ‘Peerke’s Plaatjes’ wordt hier nu mooi gedistilleerd en daaruit ontsproot dit leuke boek. Gemakshalve kunnen we het gewoonweg een diepgaand referentiewerk noemen dat alleen zijn langspelers betreft. Maar we krijgen ook te lezen van hoe bepaalde nummers tot stand kwamen, wie er zoal in de studio aanwezig was en waarom bepaalde muzikanten bij een productie liever Dylan zagen dan de eigenlijke producer. Met Dylan een plaat opnemen, daar moet je enorm véél geduld voor hebben want bij de –en dan refereer ik naar de eerste elektrische langspeler ‘Highway 62 Revisited’- opnames stond geen noot op papier en het was steeds inproviseren geblazen, lieten Al Kooper en Mike Bloomfield al weten. Kooper blufte zich een weg in de studio bij de opnamens van ‘Like A Rolling Stone’ waar hij eerst al gitarist was aangeduid maar dat veranderde toen een door de regen doordrenkte Michael Bloomfield met zijn witte Telecaster (zonder kist!) de studio binnenwandelde. Bij het horen van Bloomfield’s gitaargeluiden dacht Al Kooper hier al meteen anders over en dankzij een snelle wissel van organist Frank Owens naar piano, neemt Kooper ongegeneerd plaats achter de keyboards en de rest is geschiedenis. Kooper was absoluut niet met dit muziekinstrument vertrouwd… En dat Dylan een wat jaloers ventje is werd destijds duidelijk toen hij Joan Baez mee op toer nam in Engeland. Helaas mocht Joan geen noot zingen van Bob omdat zij toen succesrijker was qua singleverkoop dan Dylan.
En zo komen we als lezer nog veel te weten want wat Patrick hier bijeenperst in zijn boek is van onschatbare waarde. Toch vond ik twee negatieve punten aan dit boek: er werden geen foto’s gebruikt en de vormgeving, een geplakt boek- is moeilijk om te lezen zonder het al te veel te beschadigen. Een gebonden versie had stukken aangenamer geweest om te lezen maar zeker om door te bladeren.
Alfons Maes (3)
Uitgeverij: Epo
2011
339 Blz.
ISBn: 978 90 6445 727 2
Meer info: www.epo.be