Platenproducer Norman Whitfield overleden
De belangrijke producer Norman Whitfield, die
tijdens de jaren zestig, en in het begin van de
jaren zeventig doorbrak in Berry Gordy’s
platenfirma Motown, is op zevenenzestig jarige
leeftijd overleden aan de gevolgen van diabetes.
Norman Jesse Whitfield werd geboren in Harlem in
1943. Vooraleer hij zich op het einde van zijn
tienerjaren tot de muziek wendde, leefde hij op
straat. Nadat zijn familie naar Detroit verhuisd
was, begon Norman naam te maken als percussionist
en songwriter op de lokale Motor Town muziekscène.
Zo kwam hij voor op de platen van Popcorn & The
Mohawks en The Distants.
In 1962 raakte hij binnen bij Motown, waar hij werk
kreeg bij de kwaliteitscontrole. Hij was echter
niet tevreden met die job, en begon songs te
schrijven zoals ‘Too Many Fish In The
Sea’ voor The Marvelettes, en ‘Needle
In A Haystack’ voor The Velvelettes. Maar het
was vooral als songwriter en producer voor The
Temptations dat zijn carrière een hoge vlucht nam.
Tussen 1966 en 1974 bezorgde hij hen een resem
hits, zoals ‘Ain’t Too Proud To
Beg’, ‘Cloud Nine’ (de eerste
Grammy Award voor Motown), ‘Just My
Imagination (Running Away With Me)’, en de
soulklassieker ‘Papa Was A Rollin’
Stone’ (ook al een Grammy winnaar).
Hij klom omhoog in de hiërarchie van Motown door
het vertrek van het songwriters/producersteam
Holland-Dozier-Holland in 1967 door een betwisting
over royalty’s. Whitfield vulde die leegte op
en produceerde niet alleen hits voor The
Temptations, maar ook voor Gladys Knight & The
Pips, en voor Marvin Gaye. De twee laatste
artiesten scoorden respectievelijk in 1967 en 1968,
een grote hit met zijn ‘I Heard It Through
The Grapevine’.
Ook introduceerde hij, naast Barrett Strong,
politiek en sociaal realisme in de muziek, en songs
als ‘Ball Of Confusion’ (Temptations)
en ‘War’ (Edwin Starr) zijn daarvan
getuige. Hij was een vernieuwer, en mengde soul,
pop en gospelelementen met rock om zo tot een sound
te komen die men “psychedelische soul’
noemde.
In 1970 experimenteerde hij met uitgebreide
cineastische grooves voor groepen zoals The
Undisputed Truth. In 1974 verliet hij Motown en
ontfermde zich over de funkgroep Rose Royce. Zo
werkte hij met die groep in 1976 samen aan de
soundtrack van de film ‘Car Wash’.
Daarna richtte hij zijn eigen Whitfield label op,
en liet Rose Royce en The Undisputed Truth tekenen.
De laatste jaren woonde hij in LA, en leed hij aan
chronische gezondheidsproblemen. Zijn ziekte was
immers de reden waarom de belastingsdienst hem
krediet verleende, en zijn straf van meer dan twee
miljoen onbetaalde belasting reduceerde tot
huisarrest en 25.000 dollar boete.
Patrick Van de Wiele
