|
|
Niet dat het destijds mijn favoriete programma was maar als je het hedendaagse aanbod van het Eurovisie Songfestival (sorry) contest bekijkt is enige heimwee naar de gouden jaren niet misplaatst. De dominantie van Oostbloklanden met bijhorende, niet zelden wansmakelijke spektakelshows maken het er niet beter op.
Séverine, een geblondeerde Franse zangeres, kwam in eigen land nauwelijks aan de bak, probeerde via Duitsland in het liedjescircus te geraken. Uiteindelijk werd ze voor de zestiende editie in Dublin opgevist door Monaco en bezorgde het riante ministaatje een éénmalige zege met ‘Un banc, un arbre, une rue’. Kwade tongen beweren veertig jaar later dat Séverine nimmer een voetje in het mondaine prinsendom zette. Hetzelfde jaar eindigde Clodagh ‘Come Back And Shake Me’ Rodgers, de sensuele zangeres uit Noord-Ierland, op de vierde plaats voor het Verenigd Koninkrijk met het wat euh… lullige ‘Jack In The Box’. Het werd overigens een echte vrouwenaangelegenheid. De verrukkelijke Katja Ebstein moest evenals een jaar eerder twee zangeressen laten voorgaan. Negen jaar later in Den Haag leek het wel te lukken maar dat was buiten ene Johnny ‘What’s Another Year’ Logan gerekend. Katja Ebstein, de Poulidor van Eurosong? ‘It Don’t Come Easy’ zou Ringo Starr zeggen. Na zijn spitsbroeders George, John en Paul scoorde de sympathieke drummer van de Fab Four, niet gespeend van enige Caruso ambities, zijn eerste hit in het post-Beatles tijdperk. Tientallen jaren Later gaf Ringo toe dat producer George Harrison mee aan de schrijftafel zat, de titel deed zoiets al vermoeden. In onze contreien stak de ooit zo flamboyante New Inspiration uit Gent een laatste keer vertwijfeld de kop op in de hitparade met een niet bijster geïnspireerd ‘Judy Please’ Het is ‘maar’ popmuziek, maar dan geniet Sandy Coast met ‘True Love That’s A Wonder’ toch mijn voorkeur. Het geesteskind van Hans Vermeulen maakte twee jaar eerder al indruk met het experimentele ‘Capital Punishment’. ‘True Love’ was minder exotisch maar zowel in thuisland Nederland als bij ons kon het door fraaie zang en dito gitaarpartijen gelardeerde singletje op enige waardering rekenen. Nog leuker blijft ‘Hot Love’, de echte ‘jack in the box’ van de maand mei. Het wat mistige folkduo van Tyrannosaurus Rex was gaandeweg geëvolueerd naar een rockgroep met catchy hitvoer. Dat werd door de charismatische zanger gitarist Marc Bolan moeiteloos aan de man en vooral vrouw gebracht onder de naam T. Rex. Bolan, die wel eens een witte zwaan wilde berijden, werd het idool en uithangbord van de zogenaamde glamrock. Wij apprecieerden deze oersimpele ietwat onderkoelde rockpop in onze apenjaren vooral tijdens ritjes met de autoscooter op de plaatselijke kermis en probeerden het thema om te zetten in eerder onschuldige daden met een aanloop in het duister van de gesloten kap van de rupsmolen. Cis Van Looy 01
Funny Funny Sweet 02 Zonneschijn Will Tura 03 Un Banc, Un Arbre, Une Rue Sévérine 04 Mozart Symphony N° 40 Waldo De Los Rios 05 Du Peter Maffay 06 Als Je Eenzaam Bent Marva 07 Underneath The Blanket Go Gilbert O’Sullivan 08 Judy Please New Inspiration 09 Hot Love T. Rex 10 Loop Di Love Juan Bastos 11 Jack In The Box Clodagh Rodgers 12 Sultana Titanic 13 Las Vegas Tony Christie 14 True Love That’s A Wonder Sandy Coast 15 Power To The People John Lennon 16 It Don’t Come Easy Ringo Starr 17 Irina Paul Severs 18 Rosetta Georgie Fame & Alan Price 19 Love Story Andy Williams 20 There’s No More Corn On The Brasos Walkers |