|
_Golden Earring moet zowat de langst bestaande band van het continent zijn. Vijftig jaar bestaan ze ondertussen waarvan ruim veertig jaar in ongewijzigde bezetting. Het verhaal begint in ’61 als de zestienjarige Rinus Gerritsen en zijn drie jaar jongere buurjongen George Kooymans, een op de merseybeat en Beatles geïnspireerd groepje opzetten. Met de komst van zanger Frans Krassenburg, ritmegitarist Peter de Ronde en drummer Jaap Eggermont krijgt Golden Earrings, een naam ontleent aan een nummer van Peggy Lee, vaste vorm. De groep debuteert in 1965 met ‘Please Go’ evenals ‘That Day’ uit ’66 een hit in het toenmalige beatcircuit en zoals de meeste nummers gecomponeerd door de geniale tandem Gerritsen / Kooymans. De groep maakt verschillende evoluties door van pychedelia naar meer hard rockend songwerk. In ‘Just A Little Bit Of Peace In My Heart’ (1968) horen we voor het eerst de stem van Barry
|
_Hay en twee jaar later geeft Eggermont de drumsticks door aan Ceasar Zuiderwijk. Een uiterst creatieve fase breekt aan met fraaie langspelers en talloze radiohits met het uit ‘Moontan’ stammende ‘Radar Love’, de ultieme roadsong als absoluut hoogtepunt dat ook in de States voor enige beroering zorgt. Ik herinner me nog levendig het concert van Earring op Bilzen ’73. Status Quo was één van de vele groepen die hun kat stuurden. Earring trad als vervanger aan.
Het gejoel verstomde als Kooymans en de flamboyante Hay hun duivels ontbonden en we voor de eerste keer met ‘Radar Love’ werden geconfronteerd waarbij een nog lenige Zuiderwijk sierlijk over de drumbekkens zweefde. Na enkele sterke singles ‘Instant Poetry’ en ‘Ce Soir’ wordt het in de tweede helft van de jaren zeventig wat minder. Op het podium wordt met een iets uitgebreidere bezetting geëxperimenteerd, de groep raakt in een creatieve impasse. Golden Earring herpakt zich in de vroege jaren tachtig met Kooymans’ ‘Twilight Zone’. ‘When The Lady Smiles’ is het beste werk van de tandem Kooymans / Hay sinds jaren. De tussenpauzes tussen de langspelers worden steeds langer en de groep recycleert ouder werk op drie volumes van ‘Naked’, akoestische uitvoeringen van ouder werk. ‘Millbrook USA’ het laatste studiowerk van Golden Earring is ondertussen al acht jaar oud. Recent is het Nederlandse kwartet opnieuw in de Londense Abbey Road studio’s gesignaleerd. Niet dat we daar echt naar uitkijken, in haar lange bestaan verzamelde de groep immers genoeg werk op om een ijzersterke setlist op te bouwen.
Het gejoel verstomde als Kooymans en de flamboyante Hay hun duivels ontbonden en we voor de eerste keer met ‘Radar Love’ werden geconfronteerd waarbij een nog lenige Zuiderwijk sierlijk over de drumbekkens zweefde. Na enkele sterke singles ‘Instant Poetry’ en ‘Ce Soir’ wordt het in de tweede helft van de jaren zeventig wat minder. Op het podium wordt met een iets uitgebreidere bezetting geëxperimenteerd, de groep raakt in een creatieve impasse. Golden Earring herpakt zich in de vroege jaren tachtig met Kooymans’ ‘Twilight Zone’. ‘When The Lady Smiles’ is het beste werk van de tandem Kooymans / Hay sinds jaren. De tussenpauzes tussen de langspelers worden steeds langer en de groep recycleert ouder werk op drie volumes van ‘Naked’, akoestische uitvoeringen van ouder werk. ‘Millbrook USA’ het laatste studiowerk van Golden Earring is ondertussen al acht jaar oud. Recent is het Nederlandse kwartet opnieuw in de Londense Abbey Road studio’s gesignaleerd. Niet dat we daar echt naar uitkijken, in haar lange bestaan verzamelde de groep immers genoeg werk op om een ijzersterke setlist op te bouwen.
_Het publiek, dat moeiteloos enkele generaties overspant leek dan vrijdagavond een beetje verrast om aanvankelijk met minder vertrouwd werk te worden geconfronteerd en ook het hier totaal onbekende Vintage Trouble dat het voorprogramma verzorgde werd eerder lauw onthaald. Aangevoerd door de onwaarschijnlijke energieke frontman Ty Taylor en gitarist Nalle Colt zette het kwartet uit L. A. een compromisloze set neer met een aanstekelijke fusie van old school R&B stevig onderbouwd met potige rockstucturen zoals in het koortsige ‘The Blues Hand Me Down’. In een gebalde set was weinig plaats voor balladewerk, het luchtige, soepel swingende ‘Nobody Told Me’ en een verdwaalde slijper vormden een aangenaam rustpunt. De machtige soulstrot van Taylor greep je bij momenten bij het nekvel maar ondanks die kwaliteiten en de tomeloze inzet klonk de selectie uit ‘The Bomb Shelter Sessies’ alsnog te weinig vertrouwd om het gewenste effect te sorteren.
Golden Earring is de laatste tijd wat zuiniger met concerten en het Haagse kwartet wisselt akoestische concerten af met elektrisch versterkte gigs. Vrijdagavond was het in een afgeladen Lotto Arena meteen duidelijk dat het optreden tot laatstgenoemde categorie behoorde. Het was bovendien het allerlaatste concert dit jaar en Barry Hay liet er geen twijfel over bestaan dat ze hun trouwe fans op hun wenken zouden bedienen met een imposante jukebox. Na ‘Going Somewhere’, een nieuw (?) nummer, tijd voor een duik in het verleden. ‘Another 45 Miles’, klinkt nog steeds fantastisch. Gitarist Kooymans heeft niet zo’n krachtige stem als Hay maar bij de wat klaaglijke zang de uitstervende baslijnen op de achtergrond en fraaie drumroffels flitsen, oude, niet van enige nostalgie gespeende herinneringen door mijn hoofd en blijkbaar was ik niet de enige. ‘Buddy Joe’, eerder zeldzaam op de setlist en ‘Twilight Zone’, met magische wisselwerking tussen beide zangers, rondde de bijzonder fraaie Kooymans triptiek af met een helaas net iets te lang uitgerokken finale. De onvolprezen saxman Bertus Borgers was ondertussen het podium opgewandeld en uit een intro met veel gepiep doemde ‘She Flies On Strange Wings’ op met opnieuw een excellente Gerritsen die handig op de baskoorden balanceerde evenals in het onverwoestbare ‘Back Home’ waarbij Hay de dwarsfluit even opdiepte.
Uiteraard ontbrak ‘When The Lady Smiles’ niet in het overzicht.
Even verderop mocht de man die naar gefluisterd wordt ooit een aanbod van Jimi Hendrix afsloeg even loos gaan op zijn double neck basgitaar. De nestor van het Haagse kwartet werd geflankeerd door Zuiderwijk die met aandoenlijk enthousiasme nog eens ondubbelzinnig illustreerde op zijn enigszins wanstaltige ‘larger than life’ drumkit dat hij nog steeds tot de betere percussionisten behoort, al moet hij even uitpuffen na zijn demonstratie. Als de flamboyante Hay “I’ve been drivin’ all night, my hand’s wet on the wheel” inzet, dan weet je het wel en de zaal ontploft zowat. Wild slaan met de haren is er door een aan de tijd aangepaste haarcoupe voor de heren op leeftijd niet meer bij maar het klinkt na al die jaren nog verdomd lekker. ‘Radar Love’ een monument dat het ‘Classic Rock genre overstijgt zelfs in een wat aangepaste versie en Gerritsen, Kooymans, Hay en Zuiderwijk lijken op respectabele leeftijd nog ‘very alive and kickin’. Als de gelegenheid zich voordoet zullen we toch nog eens zo’n akoestisch concertje van Golden Earring meepikken.
Golden Earring is de laatste tijd wat zuiniger met concerten en het Haagse kwartet wisselt akoestische concerten af met elektrisch versterkte gigs. Vrijdagavond was het in een afgeladen Lotto Arena meteen duidelijk dat het optreden tot laatstgenoemde categorie behoorde. Het was bovendien het allerlaatste concert dit jaar en Barry Hay liet er geen twijfel over bestaan dat ze hun trouwe fans op hun wenken zouden bedienen met een imposante jukebox. Na ‘Going Somewhere’, een nieuw (?) nummer, tijd voor een duik in het verleden. ‘Another 45 Miles’, klinkt nog steeds fantastisch. Gitarist Kooymans heeft niet zo’n krachtige stem als Hay maar bij de wat klaaglijke zang de uitstervende baslijnen op de achtergrond en fraaie drumroffels flitsen, oude, niet van enige nostalgie gespeende herinneringen door mijn hoofd en blijkbaar was ik niet de enige. ‘Buddy Joe’, eerder zeldzaam op de setlist en ‘Twilight Zone’, met magische wisselwerking tussen beide zangers, rondde de bijzonder fraaie Kooymans triptiek af met een helaas net iets te lang uitgerokken finale. De onvolprezen saxman Bertus Borgers was ondertussen het podium opgewandeld en uit een intro met veel gepiep doemde ‘She Flies On Strange Wings’ op met opnieuw een excellente Gerritsen die handig op de baskoorden balanceerde evenals in het onverwoestbare ‘Back Home’ waarbij Hay de dwarsfluit even opdiepte.
Uiteraard ontbrak ‘When The Lady Smiles’ niet in het overzicht.
Even verderop mocht de man die naar gefluisterd wordt ooit een aanbod van Jimi Hendrix afsloeg even loos gaan op zijn double neck basgitaar. De nestor van het Haagse kwartet werd geflankeerd door Zuiderwijk die met aandoenlijk enthousiasme nog eens ondubbelzinnig illustreerde op zijn enigszins wanstaltige ‘larger than life’ drumkit dat hij nog steeds tot de betere percussionisten behoort, al moet hij even uitpuffen na zijn demonstratie. Als de flamboyante Hay “I’ve been drivin’ all night, my hand’s wet on the wheel” inzet, dan weet je het wel en de zaal ontploft zowat. Wild slaan met de haren is er door een aan de tijd aangepaste haarcoupe voor de heren op leeftijd niet meer bij maar het klinkt na al die jaren nog verdomd lekker. ‘Radar Love’ een monument dat het ‘Classic Rock genre overstijgt zelfs in een wat aangepaste versie en Gerritsen, Kooymans, Hay en Zuiderwijk lijken op respectabele leeftijd nog ‘very alive and kickin’. Als de gelegenheid zich voordoet zullen we toch nog eens zo’n akoestisch concertje van Golden Earring meepikken.





