The Golden Years 2010 • 11/12/2010 • Sportpaleis Antwerpen
Als we een hoogtepunt mogen vooruitschuiven, komt Steve Harley met Cockney Rebel zeker op het voorplan.
Wie Steve Harley kent van vorige live sessies weet wat hij mag verwachten en dat zal organisator Daniel Gardin ook geweten hebben. In oktober was Steve nog te gast in café De Zwerver in Leffinge maar omwille van technische redenen kon ik daar niet bij zijn. Wie Cockney Rebel nog kent van begin jaren zeventig, wel, die mag zich nu nog steeds aan diezelfde kwaliteit verwachten. Met een stevige band, zoals steeds op zijn vorige passages, kregen we uiteraard enkele grote hits van weleer voorgeschoteld waaronder het van The Beatles geleende ‘Here Comes The Sun’, ‘Mr. Soft’, ‘A Friend For Life’ en uiteraard de twee monsterhits ‘Sebastian’ en ‘Make Me Smile’, twee nummers trouwens die nog steeds niets aan kracht heeft ingeboet. Tijdens de zomermaanden, meer bepaald in augustus, ergens in de Limburg, zal je Steve Harley weer kunnen zien schitteren. Meer hierover later op onze website.
Maar er was meer, véél meer, want de avond werd geopend door het helaas verminkte, originele vehikel Dozy, Beaky, Mick & Tich want Dave Dee, hun charismatische zanger overleed begin 2009, maar voor de rest is dit nog steeds een ‘originele band’. Met hun kleurige pakjes wisten ze meteen de toon van de sixtiessound in te zetten met ’Hold Tight’, ‘Zabadak’, het nummer met het eeuwige zweepje, ‘The Legend Of Xanadu’ en ‘Bend It’. Ook nu weer ontbrak eigenlijk hun grote hit van weleer, ‘Save Me’.
The Tremeloes zijn reeds meermaals te gast op de Golden Years geweest en dit jaar was origineel gitarist Ricky West (oftewel Rick Westwood) er niet bij en werd vervangen door John van Gerry & The Pacemakers. De man lag kennelijk ziek in bed (ach waarom dan niet even The Golden Years uitstellen…) of moeten we hier binnenkort ook weer een leuke muzikant zien vertrekken naar Oblivion? Maar nu ook weer hoorde ik dat tikkeltje ‘slijt’ op de stem van zanger/drummer Dave Munden bij de nummers ‘Suddenly You Love Me’, ‘Here Comes My Baby’, dat Cat Stevens toen pende en waarmee de Trems razendpopulair werden over de gehele wereld. Ze blonken nog steeds uit met hun a capella-versie van het wondermooie ‘Silence Is Golden’ dat destijds gezongen werd door hun voormalig bassist/zanger Len ‘Chips’ Hawks. Len kun je af en toe nog wel eens in hun rangen terugvinden maar meer bepaald voor de concerten in de UK. En een staande ovatie van het publiek was terecht.
De volgende op de lijst van de eveneens uit Liverpool afkomstige Gerry & The Pacemakers en die ooit de Beatles nog naar de kroon hebben gestoken maar dat is lang verleden. Vorig jaar waren zij er ook bij maar kennelijk kwam de applaus meter bij ieder nummmer niet hoger dan een matig gemiddelde. Misschien had Gerry wel het meeste last met zijn stembanden want ‘Ferry Cross The Mercy’ (uit de gelijknamige film van Jeremy Summers uit 1965) en ‘Don’t Let The Sun Catch You Crying’ waren twee loeiers van hits. En het voetballied ‘(You’re Never) Walk Alone’ kon blijkbaar toch op wat meer applaus rekenen. Allerlei kledingstukken werden boven gehaald en waaiden in de wind boven het hoofd van iedere toeschouwer. Mooie apotheose!
Het geval van de Searchers blijft nog steeds voor enige verwarring zorgen gezien er nog steeds twee versies (zie ook The Rubettes en Barclay James Harvest!) van rondtoeren. Gelukkig had Daniel voor de muzikaal betere versie gekozen dan die van Mike Pender’s Searchers. Mike was destijds een origineel lid maar stapte op terwijl Scott Ottoway (drums), John McNally (gitaar,zang), Frank Allen (bas, zang) en Spencers James (lead gitaar, zang) als de originele Searchers mogen bestempeld worden. Mike Pender’s groep komt niet in de buurt van deze knappe Searchers want wie Pender vorig jaar op Terras Bilzen zag, zal het met me eens zijn dat tussen de versie van vanavond in het Sportpaleis en die van Bilzen een hemelsbreed verschil zit aan kwaliteit.
Maar John en zijn kornuiten gaven ons een daverende show met nummers die nog steeds zeer goed meezingbaar waren. Het werd dan ook een muzikaal festijn met ‘Sweets For My Sweets’, ‘Don’t Throw Your Love Away’, en ’Love Potion N° 9’. Deze samenstelling wil ik wel eens in een uitgebreide set horen…
Wie Steve Harley kent van vorige live sessies weet wat hij mag verwachten en dat zal organisator Daniel Gardin ook geweten hebben. In oktober was Steve nog te gast in café De Zwerver in Leffinge maar omwille van technische redenen kon ik daar niet bij zijn. Wie Cockney Rebel nog kent van begin jaren zeventig, wel, die mag zich nu nog steeds aan diezelfde kwaliteit verwachten. Met een stevige band, zoals steeds op zijn vorige passages, kregen we uiteraard enkele grote hits van weleer voorgeschoteld waaronder het van The Beatles geleende ‘Here Comes The Sun’, ‘Mr. Soft’, ‘A Friend For Life’ en uiteraard de twee monsterhits ‘Sebastian’ en ‘Make Me Smile’, twee nummers trouwens die nog steeds niets aan kracht heeft ingeboet. Tijdens de zomermaanden, meer bepaald in augustus, ergens in de Limburg, zal je Steve Harley weer kunnen zien schitteren. Meer hierover later op onze website.
Maar er was meer, véél meer, want de avond werd geopend door het helaas verminkte, originele vehikel Dozy, Beaky, Mick & Tich want Dave Dee, hun charismatische zanger overleed begin 2009, maar voor de rest is dit nog steeds een ‘originele band’. Met hun kleurige pakjes wisten ze meteen de toon van de sixtiessound in te zetten met ’Hold Tight’, ‘Zabadak’, het nummer met het eeuwige zweepje, ‘The Legend Of Xanadu’ en ‘Bend It’. Ook nu weer ontbrak eigenlijk hun grote hit van weleer, ‘Save Me’.
The Tremeloes zijn reeds meermaals te gast op de Golden Years geweest en dit jaar was origineel gitarist Ricky West (oftewel Rick Westwood) er niet bij en werd vervangen door John van Gerry & The Pacemakers. De man lag kennelijk ziek in bed (ach waarom dan niet even The Golden Years uitstellen…) of moeten we hier binnenkort ook weer een leuke muzikant zien vertrekken naar Oblivion? Maar nu ook weer hoorde ik dat tikkeltje ‘slijt’ op de stem van zanger/drummer Dave Munden bij de nummers ‘Suddenly You Love Me’, ‘Here Comes My Baby’, dat Cat Stevens toen pende en waarmee de Trems razendpopulair werden over de gehele wereld. Ze blonken nog steeds uit met hun a capella-versie van het wondermooie ‘Silence Is Golden’ dat destijds gezongen werd door hun voormalig bassist/zanger Len ‘Chips’ Hawks. Len kun je af en toe nog wel eens in hun rangen terugvinden maar meer bepaald voor de concerten in de UK. En een staande ovatie van het publiek was terecht.
De volgende op de lijst van de eveneens uit Liverpool afkomstige Gerry & The Pacemakers en die ooit de Beatles nog naar de kroon hebben gestoken maar dat is lang verleden. Vorig jaar waren zij er ook bij maar kennelijk kwam de applaus meter bij ieder nummmer niet hoger dan een matig gemiddelde. Misschien had Gerry wel het meeste last met zijn stembanden want ‘Ferry Cross The Mercy’ (uit de gelijknamige film van Jeremy Summers uit 1965) en ‘Don’t Let The Sun Catch You Crying’ waren twee loeiers van hits. En het voetballied ‘(You’re Never) Walk Alone’ kon blijkbaar toch op wat meer applaus rekenen. Allerlei kledingstukken werden boven gehaald en waaiden in de wind boven het hoofd van iedere toeschouwer. Mooie apotheose!
Het geval van de Searchers blijft nog steeds voor enige verwarring zorgen gezien er nog steeds twee versies (zie ook The Rubettes en Barclay James Harvest!) van rondtoeren. Gelukkig had Daniel voor de muzikaal betere versie gekozen dan die van Mike Pender’s Searchers. Mike was destijds een origineel lid maar stapte op terwijl Scott Ottoway (drums), John McNally (gitaar,zang), Frank Allen (bas, zang) en Spencers James (lead gitaar, zang) als de originele Searchers mogen bestempeld worden. Mike Pender’s groep komt niet in de buurt van deze knappe Searchers want wie Pender vorig jaar op Terras Bilzen zag, zal het met me eens zijn dat tussen de versie van vanavond in het Sportpaleis en die van Bilzen een hemelsbreed verschil zit aan kwaliteit.
Maar John en zijn kornuiten gaven ons een daverende show met nummers die nog steeds zeer goed meezingbaar waren. Het werd dan ook een muzikaal festijn met ‘Sweets For My Sweets’, ‘Don’t Throw Your Love Away’, en ’Love Potion N° 9’. Deze samenstelling wil ik wel eens in een uitgebreide set horen…
The Hollies en de Tremeloes waren zeer zeker twee van mijn favoriete sixties bands en het was altijd een must om op Radio Luxemburg 208 (de Engelstalige uitzendingen van weleer), gekluisterd aan je transistorradiootje, te vernemen welke nieuwe song we kortelings mochten verwachten. En toen Graham Nash en Allan Clarke er nog als beide zangers bijliepen was er geen enkele close harmonyband die aan de Hollies kon tippen. Helaas stapte Graham over naar de supergroep Crosby, Stills & Nash (die dan later nog versterkt werden door de eveneens uit de Buffalo Springfield afkomstige Neil Young) en Allan Clarke die een mentale shock onderging door het verlies van zijn vrouwtje, stopte zijn muzikale carrière in 1999. Van de originele line-up zien we nu nog aan de gitaar Tony Hicks en achter de vellen Bobby Elliott. Bernie Calvert, hun bassist en keyboardsman, stopte bij The Hollies in 1981. Maar de huidige muzikanten zorgen nog steeds voor een nette Hollies-sound maar hoe hard Peter Howarth zijn best doen, hij komt niet echt in de buurt van zijn twee voorgangers. Tony Hicks heeft nog steeds dat jongensachtige over zich. Hij is nog altijd een uitstekend gitarist maar als zanger heeft hij zich nooit bewezen. Met nummers als ‘Jennifer Eccles’, ‘Bus Stop’ en ‘Sorry Suzanne’, maakten we een trip naar Memory Lane en met ‘He Ain’t Heavy, He’s My Brother’ en ‘The Air That I Breathe’ kwamen de VIP-mensen weer een dansje plaatsen, de ene al wat meer op het juiste ritme dan de andere….
Met Smokie, of wat daar nog heden van overblijft, vond ik persoonlijk dat hier een verkeerde keuze werd gemaakt. De stem van Chris Norman, de toenmalige charismatische frontman van Smokie, kan niet vervangen worden alhoewel Mike Craft, die Alan Barton na Norman bij Smokie verving, komt wel in de buurt met zijn graspige stem maar het wordt allemaal een beetje te veel over gedaan, teveel nadruk op de stem van Chris Norman die tot op heden nog steeds een succesvol solo-artiest is en de songs van Smokie als geen ander met overtuiging weet te brengen. Getuige hiervan zijn passage nog in The Golden Years in 2003. ‘Lay Back In The Arms Of Someone’, ‘Don’t Play Your Rock And Roll To Me’, ‘Oh Carol’, en ‘Living Next Door To Alice’ (en “Who The Fuck Is Alice” kon dus niet achterwege blijven) zijn dus de bekende Smokie-klasssiekers maar of het publiek hier ook van genoten heeft is maar de vraag.
The Sweet, ja, je ziet ze tegenwoordig op zowat elke zomeraffiche prijken en hierbij heb ik een hetzelfde gevoel als bij Smokie maar dan wel met dien verstande van Brian Connelly, hun oorspronkelijk zanger er niet meer is. Deze Schotse zanger stapte op 9 februari 1997 uit het leven. Sindsdien heeft de Sweet al een leger van muzikanten in zijn rangen gekend en blijkbaar slagen ze er nog steeds in om de sound van Sweet op een geloofwaardige manier te herproduceren. Origineel in de band is alleen nog steeds Andy Scott aan de gitaar, Bruce Brisland (drums), Steve Grant (gitaar, keys) en Peter Lincoln (zang, gitaar) is de line-up die nu al enkele jaartjes standhoudt. Openen deden ze ‘Blockbuster’ en we kregen dan ook nog twee medley’s van o.a. ‘Coco/Funny Funny/Poppa Joe’ en ‘Wig Wam Bam/Little Willy’. Dit kon stukken beter en zeker ook zonder de medley want wie ooit Sweet heeft gezien in zijn beginperiode (ik herinner me nog een concert in Antwerpen toen nog op de bovenste verdieping van het grootwarenhuis Grand Bazar, op de Groenplaats, waar nu het Hilton hotel gevestigd is). Dat was pas The Sweet, geen Chinn & Chapman toestanden maar sterke rocknummers die je toen even liet vergeten dat je naar een Top Tien-band luisterde.
En als afsluiter, maar dat kon je reeds in het begin lezen, Steve Harley & Cockney Rebel. Een ware afsluiter van formaat !!! Medio jaren tachtig heeft er een festival plaatsgevonden dat zich Polderrock noemde en ging door in Verrebroek en daar deed ik de presentatie van. Als afsluiter stond daar ook Steve Harley geprogrammeerd maar ook nog de betreurde Kevin Coyne, Gorki en William Souffreau (van Irish Coffee). Na het concert van Harley hebben wij toen met de man een prettige babbel gehad en nog steeds ben ik onder de indruk van ‘s mans woorden toen.
Naar trouwe gewoonte komen alle muzikanten samen op het podium om een laatste encorenummer te brengen. Dit had de Beatlessong ‘Get Back’ (weet je nog, live gebracht vanop het Apple kantoor destijds) moeten worden maar de encore kwam er niet. Carl Huybrechts bracht de boodschap dat er technische problemen waren met het drumtoestel (alsof er die avond maar één drumkit ter beschikking was!) en daardoor het bisnummer geannuleerd werd, dit ter ergernis van de aanwezigen. Het concert was inderdaad een tijdje uitgelopen en misschien was de échte reden tijdsgebrek omdat de volgende dag het podium van Shakira nog opgebouwd moest worden.
Hoe dan ook, The Golden Years 2010 zal de geschiedenis in gaan als de versie met ‘mankementen’ want vanavond verliep niet alles vlekkeloos en sommige onderdelen van de show hadden naadloos in elkaar moeten doorlopen. Wat niet altijd gebeurde, getuige hiervan het moment dat Carl Huybrechts plots in het donker stond en riep om wat ‘licht in de zaal’. Met het grote videoscherm liep ook al eea spaak maar gelukkig werden we toch nog getrakteerd op pure nostalgie met clips van o.a. The Beatles, Bee Gees, Stealer’s Wheel, Golden Earring, Manfred Mann’s Earthband… Ach, ondanks deze kleine oneffenheden blijft het nog steeds een dankbaar geheel en laat ons hopen dat we zo’n avonden nog veel mogen meemaken.
Er zijn reeds enkele namen voor de komende editie vrijgegeven en The Sweet, The Rubettes, Alvin Stardust en Slade zouden reeds ingetekend hebben. Om af te sluiten wil ik nogmaals aan organisator Daniel Gardin een oproep doen om een pauze in te lassen. Een goede vier uur aan een ruk op je stoel blijven zitten is niet niks, (denk aan onze ouderdom!) en het zijn al geen echt comfortabele zitjes in het Sportpaleis, dus een pauze zou zeker geen overbodige luxe zijn. Misschien één band minder programmeren om het geheel weer niet te laten uitlopen. Enfin, we zien het volgend jaar wel weer.
Alfons Maes
PS: foto’s afkomstig van www.sterrennieuws.be en www.artiestendrempel.net. Met dank aan Robrecht Van Goolen, Karel Verheyden en Tom Bergs voor het gebruik van de foto’s. Meer info: www.sterrennieuws.be - www.artiestendrempel.net
Alle foto’s © www.sterrennieuws.be - © www.artiestendrempel.net
Met Smokie, of wat daar nog heden van overblijft, vond ik persoonlijk dat hier een verkeerde keuze werd gemaakt. De stem van Chris Norman, de toenmalige charismatische frontman van Smokie, kan niet vervangen worden alhoewel Mike Craft, die Alan Barton na Norman bij Smokie verving, komt wel in de buurt met zijn graspige stem maar het wordt allemaal een beetje te veel over gedaan, teveel nadruk op de stem van Chris Norman die tot op heden nog steeds een succesvol solo-artiest is en de songs van Smokie als geen ander met overtuiging weet te brengen. Getuige hiervan zijn passage nog in The Golden Years in 2003. ‘Lay Back In The Arms Of Someone’, ‘Don’t Play Your Rock And Roll To Me’, ‘Oh Carol’, en ‘Living Next Door To Alice’ (en “Who The Fuck Is Alice” kon dus niet achterwege blijven) zijn dus de bekende Smokie-klasssiekers maar of het publiek hier ook van genoten heeft is maar de vraag.
The Sweet, ja, je ziet ze tegenwoordig op zowat elke zomeraffiche prijken en hierbij heb ik een hetzelfde gevoel als bij Smokie maar dan wel met dien verstande van Brian Connelly, hun oorspronkelijk zanger er niet meer is. Deze Schotse zanger stapte op 9 februari 1997 uit het leven. Sindsdien heeft de Sweet al een leger van muzikanten in zijn rangen gekend en blijkbaar slagen ze er nog steeds in om de sound van Sweet op een geloofwaardige manier te herproduceren. Origineel in de band is alleen nog steeds Andy Scott aan de gitaar, Bruce Brisland (drums), Steve Grant (gitaar, keys) en Peter Lincoln (zang, gitaar) is de line-up die nu al enkele jaartjes standhoudt. Openen deden ze ‘Blockbuster’ en we kregen dan ook nog twee medley’s van o.a. ‘Coco/Funny Funny/Poppa Joe’ en ‘Wig Wam Bam/Little Willy’. Dit kon stukken beter en zeker ook zonder de medley want wie ooit Sweet heeft gezien in zijn beginperiode (ik herinner me nog een concert in Antwerpen toen nog op de bovenste verdieping van het grootwarenhuis Grand Bazar, op de Groenplaats, waar nu het Hilton hotel gevestigd is). Dat was pas The Sweet, geen Chinn & Chapman toestanden maar sterke rocknummers die je toen even liet vergeten dat je naar een Top Tien-band luisterde.
En als afsluiter, maar dat kon je reeds in het begin lezen, Steve Harley & Cockney Rebel. Een ware afsluiter van formaat !!! Medio jaren tachtig heeft er een festival plaatsgevonden dat zich Polderrock noemde en ging door in Verrebroek en daar deed ik de presentatie van. Als afsluiter stond daar ook Steve Harley geprogrammeerd maar ook nog de betreurde Kevin Coyne, Gorki en William Souffreau (van Irish Coffee). Na het concert van Harley hebben wij toen met de man een prettige babbel gehad en nog steeds ben ik onder de indruk van ‘s mans woorden toen.
Naar trouwe gewoonte komen alle muzikanten samen op het podium om een laatste encorenummer te brengen. Dit had de Beatlessong ‘Get Back’ (weet je nog, live gebracht vanop het Apple kantoor destijds) moeten worden maar de encore kwam er niet. Carl Huybrechts bracht de boodschap dat er technische problemen waren met het drumtoestel (alsof er die avond maar één drumkit ter beschikking was!) en daardoor het bisnummer geannuleerd werd, dit ter ergernis van de aanwezigen. Het concert was inderdaad een tijdje uitgelopen en misschien was de échte reden tijdsgebrek omdat de volgende dag het podium van Shakira nog opgebouwd moest worden.
Hoe dan ook, The Golden Years 2010 zal de geschiedenis in gaan als de versie met ‘mankementen’ want vanavond verliep niet alles vlekkeloos en sommige onderdelen van de show hadden naadloos in elkaar moeten doorlopen. Wat niet altijd gebeurde, getuige hiervan het moment dat Carl Huybrechts plots in het donker stond en riep om wat ‘licht in de zaal’. Met het grote videoscherm liep ook al eea spaak maar gelukkig werden we toch nog getrakteerd op pure nostalgie met clips van o.a. The Beatles, Bee Gees, Stealer’s Wheel, Golden Earring, Manfred Mann’s Earthband… Ach, ondanks deze kleine oneffenheden blijft het nog steeds een dankbaar geheel en laat ons hopen dat we zo’n avonden nog veel mogen meemaken.
Er zijn reeds enkele namen voor de komende editie vrijgegeven en The Sweet, The Rubettes, Alvin Stardust en Slade zouden reeds ingetekend hebben. Om af te sluiten wil ik nogmaals aan organisator Daniel Gardin een oproep doen om een pauze in te lassen. Een goede vier uur aan een ruk op je stoel blijven zitten is niet niks, (denk aan onze ouderdom!) en het zijn al geen echt comfortabele zitjes in het Sportpaleis, dus een pauze zou zeker geen overbodige luxe zijn. Misschien één band minder programmeren om het geheel weer niet te laten uitlopen. Enfin, we zien het volgend jaar wel weer.
Alfons Maes
PS: foto’s afkomstig van www.sterrennieuws.be en www.artiestendrempel.net. Met dank aan Robrecht Van Goolen, Karel Verheyden en Tom Bergs voor het gebruik van de foto’s. Meer info: www.sterrennieuws.be - www.artiestendrempel.net
Alle foto’s © www.sterrennieuws.be - © www.artiestendrempel.net







































