Sjock Festival 2010
10 & 11 juli 2010 • Poeyelheide Gierle
_________________________________________________________________________________________________________________________________________________________________
Flora en fauna van de Poeyelheide werden afgelopen weekeinde weer opgeschrikt. In Gierle vond immers de vijfendertigste editie plaats van Sjock. De ouverture op vrijdagavond staat geheel in het teken van psychobilly. Dat feest heb ik bewust aan me laten voorbijgaan, kwestie van nog eens gerust uit te slapen, met dat zwoele tropische weer op zich al geen sinecure. Zaterdag zijn we wel tijdig op post, onder een loodzware hemel pikken we enkele nummers mee van The Grit op het grote openlucht podium. Een zootje ongeregeld ‘straight out the alley’ zoals in het gelijknamige nummer duidelijk wordt. In zo’n typisch Britse muzikale alley verbroedert punk met ska en beurtelings doemen herinneringen aan illustere voorgangers als Pogues en The Clash op. Big Lou en zijn kompanen gaan tekeer als een stelletje lunatics en Little Man Kurt staat meer op dan naast zijn fraai beschilderde baskast.
Aan grote baskasten geen gebrek overigens, nog nooit zoveel contrabassen bij elkaar gezien op een festival. Dit instrument is onmisbaar voor de muzikanten die het podium van de tent bevolken. Rockende billy en zowat alle denkbare variantens uit de jaren vijftig en zestig, dat is het vaak stevige menu dat in de ‘Titty Twister’ op het programma staat. Dit hoeft niet noodzakelijkerwijs door uit het land van Uncle Sam afkomstige muzikanten geserveerd. Een vaststelling ondubbelzinnig geïllustreerd door Johnny Trouble uit Stuttgart. De onwaarschijnlijk cool ogende zanger heeft niet alleen zijn voornaam met ‘the man in black’ gemeen maar ook zijn stembuigingen herinneren aan Cash. Als je dan nog ‘The Rythm Of The Railroad Track’ bezingt is het plaatje compleet. Ondersteund door Rambling Men met een steelgitarist in de rangen worden ook parels uit het repertoire van Charlie Feathers en Merle Haggard geplukt en in niet onverdienstelijke uitvoeringen gedebiteerd.
Buiten gaat het er iets minder fijnzinnig aan toe met Knucklebone Oscar. Het collectief uit Helsinki zet de botte bijl in klassiek werk van Sly Stone, mishandelt ‘Heart Of The City’ met een energieke garagerock versie. In ‘Right Place Wrong Time’ (Dr. John) vergaloppeert de geblokte frontman zich tijdens een uitstapje tussen het publiek met weinig geïnspireerde snarenvreterij. ‘Rock’n Roll Messiah’ ik heb zo mijn twijfels.
Ook de volledig instrumentale set van surfcombo The Barbwires uit Zweden boeit slechts matig. De verrichtingen van Legendary Shack Shakers heb ik van op enige afstand gevolgd wegens felle regenbuien. Tja, je tart de weergoden niet ongestraft. De uit Nashville afkomstige Col. JD Wilkes gaat echter onverstoorbaar verder met in ruige punktrash structuren gedrenkte hillbilly en boogie.
Bij de decibelrijke orgie van Peter Pan Speedrock is op afstand blijven geen overbodige luxe, kwestie van de zwaar belaagde trommelvliezen toch een klein beetje te ontzien.
Oorspronkelijk was Lil’ Gizelle de enige vrouw die zaterdag aantrad, de jonge zangeres uit Californië diende in laatste instantie vervangen te worden. Wel present zijn Antwerp All Stars. Bij nader inzien betreft het hier The Seatsniffers en Sue Moreno. We herkennen meteen de fraaie dame die we enkele uren voordien welwillend de weg naar de backstageparking hebben getoond. Zelden heb ik onze fotograaf zo actief en onvermoeibaar gezien. Op het podium straalt Sue een zeldzame klasse en elegantie uit die je enkel bij Hollywooddiva’s uit een ver verleden aantreft. Een ietwat wankel ‘Halelujah I Love Him So’ bevestigt ons bange vermoeden. Moreno oogt stukken beter dan ze zingt, het omgekeerde lijkt me vrijwel onmogelijk. Tijdens het onderkoelde, met de sax van Roel Jacobs gelardeerde ‘One Track Mind’ en een duet met opperSniffer Walter Broes groeit het zelfvertrouwen maar in de uptempo nummers loopt het wel eens mis. We moeten echter meteen onze mening herzien. Een bijzonder aangenaam retroluikje, waarin een sensueel ‘Fever’, ‘It Doesn’t Matter Anymore’ en ‘Elvis I Need Your Lovin’ Tonight’, veegt de laatste twijfels weg. Als toegift brengt La Moreno ‘Rhytm In Your Soul’.
The Wildfires stoken even vuurtje met de heetgebakerde Luis die echter te nadrukkelijk naar succes hengelt en iets te enthousiast aftrapt. We horen nog wel een in het Spaans uitgevoerde versie van ‘Baby Please Don’t Go’. Die raad slaan we in de wind en we verlaten met spijt in het hart (Reverend Horton Heat en vooral de onvolprezen Big Sandy moeten nog aantreden) het terrein.
De volgende dag vinden we Rafke Stevens terug op het zonovergoten podium. Dit keer niet als presentator maar achter zijn orgeltje op de strijkplankhouder en aan de zijde van broer Hans. The Paranoiacs houden het immers na 25 jaar rock ’n’ roll en veel fun voor bekeken maar geven er nog een ferme lap op en razen in snelvaart door hun repertoire. Even chilin’ op de instrumentaaltjes van Ragtime Wranglers. Westernswing, rockabilly en een snuifje boogie, het zit allemaal in de muzikale cocktail. Weliswaar fraai uitgevoerd maar eerder vrijblijvend. Op het buitenpodium doen The A-Bones uit Brooklyn hun ding met veel gekrijs van de dame aan de drumkit. Pat Todd, destijds de motor achter Lazy Cowgirls, en begrip in de undergroundrockscène van LA maakt ondanks zijn kleine gestalte meer indruk. In The Rankoutsiders huist een straffe op Stonesleest geschoeide gitaartandem. Strakke gebalde rockin’ stuff en energiek dampende R&B is het resultaat van deze recente samenwerking en ‘Route 66’ een meer dan geschikte afsluiter.
In de tent maken Moonshine Reunion en vooral Seatsniffers duidelijk dat ze helemaal niet onderdoen voor aan de overkant van de oceaan residerende genregenoten. Het klinkt ondertussen vertrouwd maar als prijsbeesten zoals ‘Assembly Line’, ‘She’s A Fox’ uit de stal gehaald worden is het tijd voor een wilde muzikale rodeo en hectische taferelen.
Op datzelfde podium steken The Paladins hun bewondering voor de Antwerpse rootsrockers niet onder stoelen of banken. Het is ondertussen ruim twintig jaar geleden dat het trio uit San Diego Peer platwalste. We zagen Gonzales de laatste jaren nog met de lichtjes fantastische Hacienda Brothers. Onlangs terug verenigd met spitsbroeders Thomas Yearsley en Brian Fahey wordt het 25-jarig bestaan gevierd. Het blijven vooral nummers uit de beginperiode zoals ‘ Going Down To Big Mary’s’ van Titus Turner die het verschil maken. Niets nieuws onder de zon dus maar wel een uurtje voortreffelijke ‘Hot Rod Rockin’ in een afgeladen tent.
Nog onstuimiger gaat het er even voordien aan toe. Jim Jones Revue maakte op de vorige editie al een verpletterende indruk. De voormalige frontman van Thee Hypnotics doet er nog een schepje bovenop. Het hallucinante ‘Rock Roll Psycho’, met die fantastische pianobreaks, zit vroeg in de set en Jones draaft als een bezetene over het podium. Ruige garagerock die lonkt naar Detroit vermengd met onstuimige punkrock uit het thuisland, dat zijn de ingrediënten maar ook onmiskenbare referenties naar het vroege rock ’n’ roll-tijdperk. Om dit kracht bij te zetten wordt een hypnotische versie van ‘Bing Hunk Of Love’ opgevoerd. Zo opwindend moeten pioniers als Elvis, Jerry Lee en de prille Stones destijds geklonken hebben maar wel met beduidend minder decibels. Die horen we af en toe ook van onze Nederlandse vrienden die hun oranjeteam aanmoedigen bij de finale voor de wereldbeker terwijl we ons naar de uitgang reppen. Na die beslissende wedstrijd wordt het wellicht nog wat stiller.
_____________________________________________________________________________________________________________________________________________________________________
Auteur: Cis Van Looy I Foto's: © Alfons Maes
Published: 12-07-2010 I 17:00
Print this Page








