LEONARD COHEN

Leonard Cohen


10 juli 2008 • Minnewaterpark Brugge



martha_3

Martha Wainwright

martha_6

Martha Wainwright

leonard1

Leonard Cohen

leonard3

Leonard Cohen

leonard7

Leonard Cohen

leonard9

Leonard Cohen

leonard4

Eind jaren zestig verzeilt de Canadese auteur en dichter Leonard Cohen in de door artiesten zoals Bob Dylan en Joan Baez beheerste folkpopscène. Cohen is ten tijde van zijn muzikale debuut al drieëndertig en beschouwt zijn muzikale activiteiten eerder als een verlengstuk van zijn literaire activiteiten en dat wordt vertaald in intelligente poëtische getinte teksten ondersteund door een sobere muzikale textuur. Na een uiterst productieve periode in de jaren zestig en zeventig wordt het na zijn omstreden samenwerking met Phil Spector ‘Death Of A Ladies Man’ wat stiller rond de sombere troubadour. Tussen de opvolger ’Recent Songs’ en ‘Various Positions’, dat oorspronkelijk in de Verenigde Staten zelfs niet uitgebracht wordt, gaapt zo’n vijf jaar. Het door synthesizers en geprogrammeerde drummachines gedomineerde ‘I’m Your Man’ plaatst de zanger opnieuw in de spots.

Cohen resideert in die periode al even in een Boeddistisch klooster in Californië, waar hij zich na het uitbrengen van het fraaie ‘The Future’ jarenlang terugtrekt als ‘Jikan’ (Stilte).
De stilte wordt in 2001 doorbroken met ‘Ten New Songs’. De intense samenwerking met Sharon Robinson, die eerder met Cohen aan de schrijftafel zat voor ‘Everybody Knows’, resulteert in één van de betere werkstukken. Een meer dan geslaagde rentree in het echte leven na de jarenlange vrijwillige ballingschap. Het recente ‘Dear Heather’ klinkt als het definitieve muzikale testament van de zingende poët. Dat we ‘The Ladies Man’ nog eens op een podium mogen aanschouwen hebben we een beetje te danken aan een vrouw. Kelley Lynch, zijn voormalige manager, zou met het pensioenfonds van de niet onbemiddelde zanger aan de haal zijn. Het was wellicht de ultieme prikkel voor de 73-jarige troubadour om nog eens uitgebreid op tournee te vertrekken. Overigens concerteerde de man donderdagavond helemaal niet met tegenzin in Brugge. Hij combineerde zijn poëtische selectie met romantiek en een dosis humor. opmerkelijk voor een man die het grootste deel van zijn leven tussen depressies pendelt.

Lange rijen geduldig wachtenden, voor de gesloten poorten van het Minnewaterpark waar Cohen een grondige en uitgebreide soundcheck afwerkt. Ondertussen gutst de regen ongenadig neer. In het publiek overheerst grijs net als de grauwe hemellucht.
Als bij wonder houdt het op met regenen wanneer
Martha Wainwright op het podium stapt. De dochter van Loudon Wainwright en Kate McGarrigle (van het onvolprezen duo Kate & Anne) en zusje van Rufus voelt zich vereerd om in het voorprogramma te figureren. Er is een duidelijke connectie, de familie stamt eveneens als Cohen uit het Canadese Montreal. De zangeres met het rode kleedje en de zilveren schoentjes profileert zich als een eigenzinnige, niet onverdienstelijke singer-songwriter op haar twee albums, waaruit ze een handvol pareltjes zoals ‘Factory’, ’This Life’ en ‘Jesus and Mary’ opdiept. Voor de afsluiter ‘I Wish I Were’ krijgen we nog ‘Tower Song’, niet te verwarren met ‘Tower Of Song’, van Cohen voorgeschoteld. Een politiek statement waarin La Wainwright afstand neemt van de ongezonde, obsessieve verhouding met macht die in Amerika leeft.
Het is daarna nog even wachten op de Meester, een niet onaanzienlijk deel van de oudere fans hebben blijkbaar hun ondertussen al volwassen kinderen en zelfs kleinkinderen meegetroond.
Even vermoeden we dat de hemelsluizen terug worden opengedraaid, het is echter het stormachtig onthaal van 8000 paar handen als Leonard Cohen de openingssong ‘Dance Me To The End Of Love’ inzet. De in stijlvol pak gehesen crooner met dito deukhoedje en de outfit van zijn begeleiders laat eerder een bijeenkomst van maffiosi vermoeden.
Voor de oudere fan vormt de poëtische folk uit de jaren zestig de soundtrack van zijn leven en het wordt een emotioneel weerzien. Folkjuweeltjes als ‘Bird On The Wire’, ‘Suzanne’ en ‘So Long Marianne’ worden dan ook dankbaar gepreveld in het park.
Het heeft bijwijlen wel iets van een kerkdienst, maar wel één die we maar al te graag bijwonen.
De sombere grafstem van de troubadour klinkt verrassend draaglijk door de inbreng van een fantastisch dameskoortje. Na de afgekapte ritmiek van het sinistere ‘The Future’ volgt ‘Ain’t No Cure For Love’ waarin Dino Soldo even schittert met een ijle saxsolo. Zo krijgt iedere muzikant van het achtkoppige gezelschap meermaals een spotje waarbij Cohen het niet kan laten telkens nederig te buigen en de naam te vermelden. Een opvallende muzikale gast is de snarenvirtuoos Javier Mas die sfeervolle klanken uit zijn arsenaal akoestisch snaarinstrumenten tovert. Mas werkt de volledige set zittend af in tegenstelling tot een goedlachse Cohen die zich meermaals tot het publiek richt. Zangeres Sharon Robinson treedt even op de voorgrond dicht bij Leonard in het wondermooie intimistische duet ‘In My Secret Life’. ‘Who By Fire’, de adaptatie van een oud Joods gebed krijgt een sobere akoestische behandeling en werd opgedragen aan ‘This beautiful city’. Hattie Webb die samen met zuster Charley en Robinson het achtergrondkoortje bevolkt, bespeelt gracieus de Keltische harp.
Gracieus, haast religieus, klinkt ook ‘Anthem’ de afsluiter van de eerste set met engelachtige zang die de sonore bromstem ondersteund.

In de tweede set citeert de diepe baritonstem uit ‘Tower Of Song’. “I was born with the gift of a golden voice and twenty-seven angels from The Great Beyond…” ‘Tower Of Song’ drijft op een kinderlijk synthesizerdeuntje van Cohen en het orgel van Neils Larsen loopt uit in opgewekte doo, dum dums van de drie zangeressen. Daarna volgt een feest van herkenbaarheid. De sobere pracht van ‘Suzanne’ en ‘Sisters Of Mercy‘ uit de beginperiode vermengt tussen de ‘hits’ uit ‘I’m Your Man’ met naast de titeltrack ‘Take This Waltz’. Het zijn toch het vaak gecoverde ‘Hallelujah’ en het uit ‘The Future’ afkomstige ‘Democrazy’ die echt beklijven. Ook het jazzgetinte ‘Back On Boogie Street’ waarin de machtige gospelstem van Sharon Robinson Cohen’s spoken word relaas over de schaduwzijde van de geneugten des levens ondersteunde.
Tijdens een uitgebreide toegiftenreeks passeren ‘So Long Marianne’ en ‘First We Take Manhattan’. ‘Closing Time’ was voor een deel van de toeschouwers het sein om huiswaarts te keren maar Leonard Cohen besloot nog even verder door te gaan en liet uiteindelijk zowat iedereen met een meer dan tevreden gevoel achter. Wat mij betreft mag hij volgend jaar na dit magistrale concert al terugkomen.

Cis Van Looy


Line up:

Leonard Cohen: Vocals, gitaar

Sharon Robinson: Vocals

Charley Webb: Backing vocals

Hattie Webb: Backing vocals

Roscoe Beck: Bas

Bob Metzger: Gitaar

Neil Larsen: Keyboards

Javier Mas: Snaarinstrumenten

Dino Soldo: Sax, trompet

Rafael Gayol: Drums



Met dank aan Anton Coene © voor het gebruik van de foto’s.

www.antoncoene.be
www.wannabes.be

Published: 11 juli 2008 / 14:30u.

Print this Page