• GESPECIALISEERDE GITAREN
•
Deze rubriek kwam tot stand met dank aan het
Music Center te Leuven.
In
de vorige aflevering van Music Technix hadden we
het over verschillende soorten akoestische
gitaren: archtop-, flamenco-, resonator-, zes- en
twaalfsnarige en klassieke gitaren. Deze keer
nemen we enkele ‘speciale’ gitaren
onder de loep.
De barokgitaar
Zoals de naam al indiceert, werd de barokgitaar
oorspronkelijk ontwikkeld tussen de zeventiende
en het midden van de achttiende eeuw. De barok
volgde op de renaissance en ging het classicisme
vooraf. Tijdens deze periode werd in de
muziektheorie het begrip van de tonaliteit
ontwikkeld. Die wordt gebruikt om de onderlinge
verhouding van tonen tegenover elkaar en
tegenover de grondtoon van de gebruikte toonsoort
uit te drukken. Harmonisch uitgedrukt: de
verhouding van de akkoorden ten opzichte van
elkaar en de tonicadrieklank. Tonica staat voor
de grondtoon van een toonaard en de daarop
gebaseerde drieklank. Dat is in de harmonieleer
het akkoord dat op die grondtoon gebaseerd is,
ook wel ‘eerste trap’ genoemd. De
tonicadrieklank is een van de drie primaire
akkoorden, die staat voor trappen I, VI en III.
Met andere woorden; in de majeurtoonladder van c
of do (c – d – e – f – g
– a – b – c’) staat de
tonicadrieklank voor c, e en g.
Barokke
muziek was doorgaans complexer en rijker dan
renaissancecomposities. In dit tijdperk werden er
nieuwe speltechnieken ontwikkeld en ook de
muzieknotatie onderging verschillende
aanpassingen. Het is ook in deze periode dat de
opera werd ontwikkeld. Instrumenten werden
belangrijker dan voorheen, er kwam meer
hiërarchie in het gebruik van akkoorden en
specifieke muziektermen, fugue werd ontwikkeld en
de muziekstukken werden gewoonlijk vooral voor
virtuozen geschreven. Bovendien werd er in een
barok werk, in tegenstelling tot het later
classicisme, gewoonlijk maar een specifieke
emotie vertolkt.
De barok vereiste natuurlijk ook andere
stemmethoden en aangepaste instrumentatie.
Barokgitaren, die zowel als solo-instrumenten en
als begeleiding werden gebruikt, hadden negen of
tien uit ingewanden vervaardigde snaren, die
gewoonlijk per twee werden bespeeld (alleen de
hoogste snaar werd vaak niet gedoubleerd). De
laagste snaren stonden overigens een octaaf hoger
gestemd dan je normaliter zou verwachten. Ook de
fretten, die gewoonlijk vastgebonden waren aan de
hals, waren gewoonlijk van ingewanden gemaakt. De
vorm van deze snaarinstrumenten was gelijkaardig
aan die van de huidige klassieke gitaren, maar
kleiner, minder diep en veel nauwer. Later werden
alle dubbelsnaren teruggeleid tot een snaar en
werd er een lage E-snaar toegevoegd.
De
akkoorden die op barokgitaren gespeeld werden,
correspondeerden met de vijf primaire akkoorden
van de huidige klassieke gitaren, maar met
verschillende octaven, afhankelijk van de
componisten en de landen waar ze geboren waren.
De meeste van die componisten lieten een gedeelte
van hun akkoordendefinities overigens open voor
interpretatie.
Langzaam begon de gitaar aan populariteit te
winnen. Tijdens de renaissance had men het
instrument vooral beschouwd als pover alternatief
voor de luit, die erg populair was aan de hoven.
Componisten als Francesco Corbetta, François
Campion, Ludovico Roncalli en natuurlijk Johann
Sebastian Bach wisten dat klimaat echter te
veranderen. De barokgitaar vond zo ook zijn weg
naar de hoogste sociale kringen en zelfs
legendarische bouwers als Antonio Stradivari
waagden zich aan de constructie ervan.
Ook nu nog wordt de barokgitaar geregeld
gebruikt. Het repertoire voor dit instrument is
immers heel verschillend van wat geschreven wordt
voor de klassieke gitaar.
In onze volgende rubriek nemen we weer een andere
soort gitaar onder de loep!
RECENSIES
WALDEN G3000 SUPRANATURA STEELGITAAR
Geen bespreking van barokgitaren, deze keer, maar
wel van een akoestische gitaar. Dat soort
snaarinstrumenten wordt in deze eenentwintigste
eeuw immers veel vaker gebruikt dan barokgitaren.
Wij kregen een knappe G3000 Supranaturagitaar van
Walden ter beschikking en waren al na vijftien
minuten spelen lichtjes verliefd.
De Supranaturalijn staat voor de beste
akoestische gitaren die Walden te bieden heeft.
De gitaren worden met de hand gemaakt, met veel
aandacht voor de kwaliteit van het hout. Net
zoals alle Supranaturagitaren is de G3000
volledig gebonden in hout, met houten rozetten,
een houten brug en houten eindpinnen. De nek is
dun en modern, de rails zijn gemaakt van
carbongrafiet en de zadels van been. Het gaat
hier om een variant van het vlaggenschip van
Walden, de G3030CE, maar dit model heeft geen
‘cutaway’ en geen elektronisch
element. Verder is het westers rode cedarhout
vervangen door sitkaspar.
Persoonlijk vinden we de body van de G3000 veel
aantrekkelijker dan die van de 2000-reeks. Het
oogt allemaal wat slanker en sexier, maar ook het
gebruikte hout mag er wezen: solide sitkaspar
voor de top, Indisch palissanderhout voor de
zijkanten en de rug en esdoorn voor het bindwerk
(uitzonderlijk voor een gitaar van deze
prijsklasse). Het donkere palissanderhout geeft
deze verder lichtgekleurde gitaar een uniek
uitzicht, maar heeft ook veel invloed op de
klankkleur. Het zorgt immers voor een hoge
geluidssnelheid en een vrij groot bereik aan
boventonen, maar ook voor een erg mooie basklank.
De lage tonen klinken lekker complex, terwijl er
een zekere dreiging en veel emotie zit in de
algehele klankkleur. We horen sterke midden- en
hoge toen en een rijke klank in de bovenste
registers. Niet iedereen zal voor de dikkere
middelste tonen vallen, maar wij deden dat in
ieder geval wel. Het gebruik van sitkaspar voor
de top is natuurlijk een veel voorkomende keuze.
Het sparrenhout zorgt voor een nog hogere
geluidssnelheid, klare, directe tonen en meer
dynamiek, maar zoals gewoonlijk lijken we toch op
te merken dat we moeite hebben om de gitaar vol
te laten klinken als we hem licht bespelen. Zoals
de meeste snaarinstrumenten die sitkaspar
gebruiken voor de top, is dit dus geen speeltje
om erg voorzichtig op te tokkelen. Het beste
geluid krijg je dan ook als je iets krachtiger
speelt.
Voor de hals werd mahoniehout gebruikt met een
fretboard van solide ebbenhout. Dat zorgt ervoor
dat de geluidssnelheid wat lager is dan je van de
combinatie sitkaspar en palissanderhout zou
verwachten en ook het feit dat we krachtig genoeg
moeten spelen om een vol geluid te bekomen heeft
waarschijnlijk onder andere te maken met deze
keuze. Aan de andere kant vinden we de resonantie
weer heel goed en uiteindelijk zorgen de
verschillende houtsoorten volgens ons voor een
mooi evenwicht, een beetje alsof je bij een
Japanner zoet en zuur gaat combineren. De hals
speelt heel snel en is een perfecte keuze voor
wie kleinere handen heeft, al zullen spelers met
grotere handen de G3000 iets minder comfortabel
vinden. Het is overigens een mooi voorbeeld van
het feit dat ook vastgeschroefde halzen
uitstekend kunnen spelen en klinken. Het
fretboard zelf had misschien enkele grotere frets
kunnen gebruiken, maar we houden wel van de
snelheid waarmee hierop kan gespeeld worden, iets
waar ook de satijnen lak toe bijdraagt.
Muzikanten die elektrische gitaren gewend zijn
zullen zich dan ook snel kunnen aanpassen met dit
model. Overigens staan er geen merktekens op de
frets, maar wel op de zijkant van de hals, een
keuze die niet door iedereen zal geapprecieerd
worden, maar die naar onze mening zorgt voor een
elegantere, knappere look.
Na een tijdje spelen merkten we wel op dat de
G3000 vrij snel vals begon te klinken, maar
gelukkig is het vrij gemakkelijk om deze gitaar
te stemmen. Overigens krijg je bij aankoop gratis
een erg stevige koffer, die uitstekend sluit met
klikslotjes en tegen een zwaar stootje kan.
Niet twijfelen: de G3000 is een absolute topper
in zijn prijsklasse! Gitaristen die niet houden
van een gitaar die zo snel speelt of die erg
grote handen of heel dikke vingers hebben zullen
misschien een ander model willen, maar voor de
meeste muzikanten is deze gitaar uitermate
geschikt. Een aanrader! ****
BOSS ME-20
Toen
deze recensent pas begon met gitaarspelen, waren
de eerste speeltjes waar hij soms kwijlend naar
verlangde de effectenpedalen van Boss. Elke kleur
– bijvoorbeeld geel, groen, blauw of oranje
– correspondeerde met een effect en zowat
elk effect klinkt wel leuk onder de juiste
omstandigheden, al blijven vervormingen als
distortion, reverb en delay natuurlijk veel
onmisbaarder dan pakweg phaser of flanger. Ook nu
nog blijven de ‘stompboxes’ gegeerde
goedjes, maar voor gitaristen die graag een breed
scala aan effecten of verschillende combinaties
van effecten gebruiken, blijven
multi-effectendoosjes een bijzonder interessante
en aantrekkelijke aankoop.
De Boss ME-20 is het kleinere broertje van de
ME-50, die ongeveer anderhalve keer zo duur is,
maar wel iets meer opties biedt. Dat betekent
echter niet dat de ME-20 zwaar het onderspit moet
delven tegen zijn ouder familielid.
Het eerste wat opvalt aan de ME-20 is zijn
compact design. Het doosje weegt minder dan twee
kilo en is nog geen 30 cm bij 18 cm groot.
Bovendien is het ook verdomd stevig. De metalen
case kan tegen meer dan een stootje en naar
verluidt kan je de ME-20 zelfs geregeld laten
vallen zonder dat de elektronica binnenin geraakt
wordt. Toch ziet het hele ding er vrij elegant
uit en werkt het zowel op batterijen als op
stroom. Wie de doos thuis wil gebruiken, hoeft
dus zeker geen schrik te hebben dat het pedaal in
het midden van de sessie uitvalt.
Nog belangrijker is de interface. Die is erg
simpel, waardoor je de ME-20 heel snel effectief
kunt leren gebruiken. Voorin heb je drie kleine
pedalen en een groot pedaal.
Het eerste pedaal bevat alle overdrives en
distortion: overdrive (een lichte distortion
zoals die van een tubeversterker), blues (een
overdrive die de nuances van het tokkelen goed
naar voren brengt), distortion (een scherpe
distortion die vooral in de zware erg lekker
klinkt), metal (sterke distortion met veel
spirit), fuzz (een distortion met een ruw, vuil,
intens geluid) en compressor (zorgt voor lange
sustain zonder dat het geluid wordt verwrongen).
Het valt op dat elk effect klinkt als wat we
gewoon zijn van de traditionele stompboxes. Op
het geluid is dus haast niks aan te merken.
Alleen vinden we het spijtig dat de compressor
samen met de distortions onder dit pedaal staat.
Op het tweede pedaal vinden we vijf modulaties
terug: de überbelangrijke chorus (voegt breedte
en body toe aan het geluid), phaser (verwringt
het geluid door het verschillende richtingen in
te duwen), flanger (voegt een subtiele beweging
toe aan het geluid), tremelo (verandert het
volume cyclisch) en rotary (om de effecten van
een rotaryversterker te simuleren).
Het derde pedaal heeft drie settings: een delay
van 0 tot 99 milliseconden, eentje van 100 tot
700 ms en een reverb.
De effecten zijn van een goed tot zelfs
uitstekend niveau. Er is meer dan voldoende
reverb, warmte, ruwheid en pure power aanwezig.
Het enige probleem zit hem dus in de toewijzing
van de effecten aan de verschillende pedalen. Dit
is dus geen geschikt apparaat voor wie compressie
én distortion of delay én reverb tegelijk wil
gebruiken, behalve als de versterker al voldoende
opties heeft. Vanzelfsprekend is dat vaak het
geval en dus hangt het grotendeels af van het
type versterker dat je gebruikt of de aankoop van
de ME-20 een goed idee is. Afgaande op de
kwaliteit van de effecten is deze doos in ieder
geval een aanrader.
Het grote pedaal rechts regelt normaliter het
volume, maar kan ook gebruikt worden als
wahpedaal. Het is voldoende stevig om de nodige
gevoeligheid aan de dag te leggen, waardoor je
niet snel per ongeluk teveel wahwah op de gitaar
zult zetten.
Door de twee eerste pedalen (van links naar
rechts bekeken) in te duwen, wordt de tuner
ingeschakeld. De referentietoon (bijvoorbeeld E)
kan desgewenst in eenheden van een hertz
aangepast worden. Het enige wat je moet doen, is
een snaar open spelen. In de display verschijnt
dan de letter van de noot die het dichtst het
snaargeluid benadert. Een driehoekje rechts
betekent dat je te hoog gestemd hebt, een
driehoekje links staat voor een te lage stemming
en twee driehoekjes betekenen dat de noot juist
gestemd staat. Héél gemakkelijk om te gebruiken,
dus!
Door het tweede en derde pedaal samen in te
drukken wordt de geheugenmodus geactiveerd. Er
zijn 10 ‘banks’ met effecten, met 3
‘patches’ per bank, voor een totaal
van 30 patches. Een patch is een verzameling van
specifieke settings. Het is poepsimpel om een
eigen patch te maken. Gewoon op ‘EZ
edit’ drukken en dan met een van de
pedaaltjes bijvoorbeeld distortion kiezen. Vier
draaiknoppen zorgen voor de lage, laag-midden,
hoog-midden en hoge tonen. Door effecten te
combineren kan je verschillende texturen en
gitaargeluiden creëren. Die save je door op
‘write’ te drukken, manueel de
gewenste ‘bank’ te selecteren en dan
het nummer van de patch te kiezen via de
voetpedaaltjes. Opslaan gebeurt door nog eens
write te kiezen. Er is overigens ook een knop
voor ‘solomodus’.
Achteraan vinden we een input-, aux in-,
R-output-, L/mono-, koptelefoon, solotuner en DC
in-ingang. Je kunt dus zowel in mono als in
stereo spelen en bijvoorbeeld een MP3-speler
aansluiten.
De ME-20 heeft een uitstekende indruk op ons
gemaakt en is uiterst geschikt voor gitaristen
die geen honderden verschillende effecten ter
beschikking willen hebben, een compacte
multi-effectendoos zoeken, of al genoeg
mogelijkheden op hun versterker hebben, waardoor
delay en reverb of compressie en distortion toch
kunnen gecombineerd worden. Wie voldoende geld
heeft, zal zich echter toch de ME-50 willen
aanschaffen, al is het verschil in kwaliteit
haast onbestaande. De ME-50 heeft immers toch
meer opties. Wie een groter budget heeft, kan nog
steeds niets beter kopen dan de fantastische
GT-8, maar toch blijft ook de ME-20 een erg goede
keuze voor heel wat muzikanten. Dit is namelijk
een erg handig apparaat! ***1/2
Wie
interesse heeft in een Waldengitaar, een Boss
multi-effectendoos of heel wat andere modellen of
instrumenten kan terecht bij:
MUSIC CENTER LEUVEN
Diestsestraat 179
3000 Leuven
Tel. 016/22 62 87
Fax. 016/29 03 98
email:
info@musiccenter.be
Dirk Vandereyken
Published:
Woensdag 23 juli 2008 / 20:20u.
Print this
Page



