Like A Fire
____________________________________________________________________________________________________________________________________________
- Label: Shout Factory
- Nr.: 8266663-10846
- Distr.: Bertus
- Website: www.thekingsolomonburke.com
- Website: http://bertus.com/
Solomon Burke, die in de jaren vijftig de gospel
verruilt voor soul, beleeft zijn hoogtijdagen in de
jaren zestig met een reeks hits voor het Atlantic
label zoals ‘Everybody Needs Someboy To
Love’, ‘If You Need Me’,
‘Cry to Me’… Even later pikken de
jonge Stones enkele van die successen op maar Burke
wordt door de moordende concurrentie in het
soulcircuit naar het achterplan verwezen.
‘The King Of Rock’ n Soul’ blijft
actief maar zijn zakenimperium van
begrafenisondernemingen en aanverwanten slokken
blijkbaar teveel kostbare tijd op. Bovendien heeft
hij als stamvader van een familie met 21 kinderen
en een tachtigtal kleinkinderen een meer dan een
voltijdse dagtaak. Met ‘Don’t Give Up
On Me’ beleeft de ondertussen ook letterlijk
volumineuze zanger een opmerkelijke comeback in
2002, die met de opvolgers ‘Make Do What You
Got’ en ‘Nashville’, de
countrygetinte samenwerking met Buddy Miller,
worden geconsolideerd.
Op ‘Like A Fire’ weet Burke zich
andermaal omringd door goed volk. Producer Steve
Jordan hanteert de drumsticks en legt samen met
Larry Taylor soepele ritmestructuren. In
tegenstelling tot de voorgangers baadt ‘Like
A Fire’ teveel in een bluesy laidbacksfeertje
waarop Eric Clapton het patent heeft. Clapton
levert overigens twee songs aan. De slome
titeltrack steunt te nadrukkelijk op ‘Tears
In Heaven’ om te overtuigen. Het
voortreffelijk werk van snarenridders Danny
Kortchmar en Dean Parks kan daar weinig aan
verhelpen. Bij ‘Thank You’ zat Burke
samen met slowhand aan de schrijftafel, blijkbaar
iets te comfortabel. We krijgen geen energieke brok
stomende soul voorgeschoteld. Het blijft bij een
beschaafd maar bijwijlen grandioos muzikaal
onderonsje af en toe onderbroken door de komst van
illustere gastmuzikanten als Keb’ Mo en Ben
Harper. In die bezadigde sfeer zijn het vooral de
gospelachtige bijdragen die Jesse Harris meebrengt
die eruit springen. In ‘What Makes Me Think I
Was Right’ ,‘You and Me‘ warm
gestookt op het orgeltje van Rudy Copeland en het
fraaie emotioneel geladen
‘Understanding’ waarin de machtige
soulpreacher van op zijn troon het oude en
vertrouwde niveau haalt, ook zonder blazerssectie.
Die zal naast een uitgebreide hofhouding
ongetwijfeld van de partij zijn als hij binnen
enkele weken het bluesfestival in Peer afsluit.
Zie
ook hier voor meer info omtrent dit
festival.
Cis Van Looy
☆☆☆½