Solomon Burke

Like A Fire
____________________________________________________________________________________________________________________________________________

solomon burke like a fire

Solomon Burke, die in de jaren vijftig de gospel verruilt voor soul, beleeft zijn hoogtijdagen in de jaren zestig met een reeks hits voor het Atlantic label zoals ‘Everybody Needs Someboy To Love’, ‘If You Need Me’, ‘Cry to Me’… Even later pikken de jonge Stones enkele van die successen op maar Burke wordt door de moordende concurrentie in het soulcircuit naar het achterplan verwezen. ‘The King Of Rock’ n Soul’ blijft actief maar zijn zakenimperium van begrafenisondernemingen en aanverwanten slokken blijkbaar teveel kostbare tijd op. Bovendien heeft hij als stamvader van een familie met 21 kinderen en een tachtigtal kleinkinderen een meer dan een voltijdse dagtaak. Met ‘Don’t Give Up On Me’ beleeft de ondertussen ook letterlijk volumineuze zanger een opmerkelijke comeback in 2002, die met de opvolgers ‘Make Do What You Got’ en ‘Nashville’, de countrygetinte samenwerking met Buddy Miller, worden geconsolideerd.
Op ‘Like A Fire’ weet Burke zich andermaal omringd door goed volk. Producer Steve Jordan hanteert de drumsticks en legt samen met Larry Taylor soepele ritmestructuren. In tegenstelling tot de voorgangers baadt ‘Like A Fire’ teveel in een bluesy laidbacksfeertje waarop Eric Clapton het patent heeft. Clapton levert overigens twee songs aan. De slome titeltrack steunt te nadrukkelijk op ‘Tears In Heaven’ om te overtuigen. Het voortreffelijk werk van snarenridders Danny Kortchmar en Dean Parks kan daar weinig aan verhelpen. Bij ‘Thank You’ zat Burke samen met slowhand aan de schrijftafel, blijkbaar iets te comfortabel. We krijgen geen energieke brok stomende soul voorgeschoteld. Het blijft bij een beschaafd maar bijwijlen grandioos muzikaal onderonsje af en toe onderbroken door de komst van illustere gastmuzikanten als Keb’ Mo en Ben Harper. In die bezadigde sfeer zijn het vooral de gospelachtige bijdragen die Jesse Harris meebrengt die eruit springen. In ‘What Makes Me Think I Was Right’ ,‘You and Me‘ warm gestookt op het orgeltje van Rudy Copeland en het fraaie emotioneel geladen ‘Understanding’ waarin de machtige soulpreacher van op zijn troon het oude en vertrouwde niveau haalt, ook zonder blazerssectie. Die zal naast een uitgebreide hofhouding ongetwijfeld van de partij zijn als hij binnen enkele weken het bluesfestival in Peer afsluit.
Zie ook hier voor meer info omtrent dit festival.


Cis Van Looy
☆☆☆½

|