BO DIDDLEY
Bo Diddley is niet meer




BO DIDDELY 1997


Bo Diddley1


Bo Diddley2


BO DIDDLEY

Enkele maanden voordien, luttele dagen na de Europese tour die hem naar het Antwerpse Hof Ter Lo en de Spirit Of ‘66 in Verviers voerde, werd hij door een beroerte getroffen die zijn spraakvermogen aantastte.

Bo is de uitvinder van de naar hem genoemde karakteristieke hypnotische verende beat die later meermaals gekopieerd werd. ‘The Originator’ trad sinds ‘58 onveranderlijk op met hoed, grote zwarte bril en een rechthoekige gitaar. Een wat groot uitgevallen sigarendoos, waaruit hij zijn grensverleggende riffs ontlokte. Zijn composities waren vaak niet meer dan op die typerende riffs geënte slogans. Het volledige oeuvre was opgebouwd met variaties op hetzelfde thema. Het was een ongemeen krachtige rudimentaire beat die een onweerstaanbare aantrekkingskracht uitoefende op een generatie artiesten uit de rock- en blueswereld, die de hitsige junglebeat overnam. Luister nog maar eens naar die afgekapte ritmiek van Buddy Holly’s ‘Not Fade Away’. Ook de Rolling Stones injecteerden in hun vroegere werk een behoorlijke dosis Diddley-beats , evenals The Doors.

Diddley werd op 30 december 1928 geboren in McComb, Mississippi als Ellas Otha Bates en na adoptie van moeders neef Gussie herdoopt tot Ellas McDaniel. Op jonge leeftijd verhuisde het gezin McDaniel naar Chicago. De jonge Ellas leerde viool spelen maar schakelde over op gitaar nadat hij John Lee Hooker aan het werk gezien had.
Zijn eerste single voor het Chesslabel ‘Bo Diddley’/ ‘I’m A Man’ was meteen een voltreffer in 1955. De destijds wat futuristisch klinkende tremologitaar en de broeierige ritmiek van ‘Bo Diddley’ blijken meer dan een halve eeuw geenszins gedateerd. Hetzelfde kan gezegd worden van de door een beenharde beat en harmonica aangedreven macho-epos ‘I’m A Man’. Nog hetzelfde jaar voelde de grote Muddy Waters zich niet te beroerd om met een zinderende variant uit te pakken ‘Mannish Boy’, de machothematiek zat hem als gegoten.
Later volgden nog ‘Who Do You Love’, ‘Before You Accuse Me’, ‘Crackin’Up’, ‘Roadrunner’ en ‘Mona’ die enkel de R&B hitlijsten haalden en door talloze blanke en zwarte artiesten gretig gecoverd of scrupuleus geïmiteerd werden.

In de vroege jaren was er op het Britse eiland een eerder beperkte cultaanhang. Dat verandert als naast The Stones, Animals, Kinks, Manfred Mann, Yardbirds… in de rij staan voor Diddley-stuff. The Pretty Things ontleenden zelfs hun naam aan een Diddley song. Ook artiesten zoals Dave Edmunds, The Clash, Straycats,… zijn in niet geringe mate schatplichtig.
Aan de overkant van de oceaan leenden Bobby Parker, (Roadrunner, de eerste carsong) Mitch Ryder, The Doors (Who Do You Love) en later Bob Seger en George Thorogood materiaal en massieve snarenriffs van de gitaarslinger.
Zelf bleef een enigszins gefrustreerde Diddley, niet zelden in het wat schimmige nostalgische package circuit toeren tot het bittere einde. Afgezien van een eindeloze reeks compilaties en liveregistraties was er de laatste jaren op het platenfront weinig nieuws te rapen. Op het in ’96 uitgebrachte ‘A Man Amonst Men’ wordt de veteraan bijgestaan door gitaarvolk als Keith Richards, Ron Wood, Jimmy Vaughan en horen we de harmonica van Billy Boy Arnold die veertig jaar eerder op de initiële Chess-sessies al van de partij was.
De impact van Bo Diddley, die zowel in the Rock ‘n’ Roll Hall Of Fame’ als het gelijknamige Blues instituut werd opgenomen, is nauwelijks te overschatten en zal wellicht nog verder leven zo lang er muziek bestaat. En niet in het minste bij ondergetekende die uitgerekend ten tijde van de release van Diddley’s debuut op de wereld werd gezet. Voor de gelegenheid laten we als eerbetoon nog eens de massieve Diddley-beat door de luisprekers schallen en als losgeslagen idioten luidkeels “Mama don’t allow no twistin in the hall” meebrullen.







Cis Van Looy

Foto’s: Danny Ducati (genomen tijdens zijn concert in Hof ter Lo 2007)

Print this Page