• Hij noemde zichzelf wel eens 'Vader van de
Rock 'n' Roll' •
![]() |
![]() |
![]() |
Ja beste lezers, we gaan terug naar de begindagen van
de rock ‘n’ roll, met de spot op de
bekende Amerikaanse pionier Alan Freed.
Alan Freed, ook gekend als Moondog, werd geboren op
15/12/1921, en die geboortedag trok mijn aandacht,
omdat ik ook geboren ben op 15/12, weliswaar vele
jaren later. Hij was een Amerikaanse dj, die
internationaal bekend werd om zijn promotiecampagne
van Afro-Amerikaanse rhythm & bluesmuziek op de
radio in de USA en Europa, maar onder de naam rock
‘n’ roll. Heel wat topartiesten uit de
Afro-Amerikaanse stal die stammen uit de eerste
generatie van de rock ‘n’ roll (zoals
Little Richard en Chuck Berry) bewezen eer aan de
pioniersrol die hij speelde door raciale barrières
onder de jeugd van het Amerika van de jaren vijftig
neer te halen. Zijn carrière werd echter vernietigd
door het payola schandaal, waarmee de radio-industrie
tijdens het begin van de jaren zestig van de vorige
eeuw te kampen had. Alan overleed op 20/1/1965.
“vader
van de rock ‘n’
roll”
Alhoewel
Alan Freed zichzelf tot vader de rock ‘n’
roll uitriep, was hij niet de eerste die het in de
ether stuurde, maar hij wordt wel genoemd als
uitvinder en popularisator van de term “rock
‘n’ roll” om dit soort muziek te
omschrijven. Hij was een promotor en hij was zeer
succesvol in wat hij deed, tot zijn eigen
persoonlijke fouten geëxploiteerd werden door
anderen. Zij bouwden hun eigen carrière op het legaat
dat hij achtergelaten had, tot zijn persoonlijke
carrière vernietigd werd. Heel wat topartiesten uit
de Afro-Amerikaanse stal uit de jaren vijftig bewezen
in het openbaar eer aan de pioniersrol die hij
speelde door raciale barrières onder de jeugd van het
Amerika van de jaren vijftig neer te halen, en dat
terwijl de volwassenen nog steeds rassensegregatie
predikten. Little Richard trad in verschillende
programma’s over die tijd op, en bewees Alan de
eer die anderen hem weigerden. Een voorbeeld van
Alan’s niet racistische houding is vastgelegd
in films waarin hij persoonlijk zichzelf speelde,
naast heel wat Afro-Amerikaanse artiesten uit die
tijd. Zijn invloed en de muziek die hij promootte
gingen over de rassenscheiding heen.
“Moondog”
Terwijl
hij werkte als een dj voor het radiostation WJW in
Cleveland, Ohio, organiseerde hij het eerste rock
‘n’ roll concert, ‘The Moondog
Coronation Ball’ op 21/3/1952. Dat evenement
werd vooral bijgewoond door zwarte Amerikanen en
moest vroegtijdig beëindigd worden omwille van teveel
volk. Daarna verhuisde hij naar New York City, waar
hij het radiostation WINS omvormde tot een rock
‘n’ roll radio. Naar aanleiding van zijn
succesvolle introductie in Europa via de film, werd
hij geboekt op radio Luxemburg, waar zijn
vooropgenomen shows zijn reputatie als “vader
van de rock ‘n’ roll” verhoogden.
Het radiosignaal van die zender was nogal krachtig in
West Europa, zodat zijn muziekkeuze door heel wat
lokale groepen geïmiteerd werd. De
platenfirma’s kochten zendtijd op radio
Luxemburg om de muziek van Little Richard, Chuck
Berry en andere zwarte Amerikaanse acts nog verder te
promoten. Zodoende werd de muziek gehoord in
Liverpool, waar vier individuen die later zouden
bekend worden als The Beatles, ook luisterden en de
muziek probeerden te kopiëren.
Films, tv & payola
Alan
was tijdens deze periode te zien in een aantal grote
en historische rock ‘n’ rollfilms. Deze
films werden dikwijls door teenagers verwelkomd met
heel wat enthousiasme, omdat ze visuele
beschrijvingen brachten van hun favoriete Amerikaanse
acts, jaren vooraleer muziekclips datzelfde zouden
doen op het tv-scherm. Een negatief kantje aan deze
films was dat ze soms het excuus vormden om een leuk
evenement om te toveren in geweld, tijdens dewelke de
bioscoopzalen in West Europa vernield werden. Alan
verscheen in de volgende prenten:
‘Rock Around the Clock’ (1956) met
Bill Haley and His Comets, The Platters, enz.
‘Rock, Rock, Rock’ (1956) met Chuck
Berry, Frankie Lymon and The Teenagers, Johnny
Burnette enz.
‘The Girl Can’t Help It’ (1956) met
Julie London, Fats Domino, The Platters, Little
Richard, Gene Vincent, Eddie Cochran enz.
‘Mr. Rock and Roll’ (1957) met Lionel
Hampton, Frankie Lymon, Little Richard, Chuck Berry,
Screamin’ Jay Hawkins, enz.
‘Don’t Knock the Rock’ (1957) met
Alan Dale, Little Richard, Bill Haley and His Comets
enz.
‘Go, Johnny Go!’ (1959) met Chuck Berry
enz.
Toen Alan’s carrière op zijn hoogtepunt was, en
zijn nieuwe tv-reeks begon, beslisten verschillende
individuen om hem te gebruiken als zwart schaap voor
alles wat mis was met de muziekindustrie. Zijn show
werd opeens afgelast, en de carrière van Dick Clark
kon beginnen.
Alan’s carrière eindigde wanneer
beschuldigingen gemaakt werden dat hij payola
aanvaard had, m.a.w. steekpenningen om bepaalde
platen te draaien. Tevens had hij meegeschreven aan
songs, zoals aan Chuck Berry’s
‘Maybellene’. Dit liet hem toe om een
deel van royalty’s op te strijken, en hij kon
die nog opdrijven door de plaat tijdens zijn eigen
radioshow te draaien. En alhoewel die problemen zeker
niet beperkt bleven tot hem, was hij toch een
boegbeeld. In 1960 werd payola illegaal, maar dat
belette niet dat het nog steeds bestaat. Toch pleitte
Alan in 1962 schuldig aan twee beschuldigingen van
commerciële fraude, waarvoor hij een uiteraard een
straf opgelegd kreeg.
En alhoewel zijn straf niet te streng was, deed de
negatieve publiciteit hem de das om. Geen enkel
prestigieus radiostation wou hem nog in dienst nemen.
Hij verhuisde naar de Westkust in 1960 en werkte voor
KDAY-AM in Santa Monica. In 1962 weigerde dat
radiostation hem om nog rock ‘n’ roll
concerten te promoten, en hij verhuisde naar WQAM in
Miami. Die samenwerking duurde echter maar twee
maanden. Hij stierf in een hospitaal in Palm Springs
in 1965 op drieënveertigjarige leeftijd aan de
gevolgen van uremie (blokkering van de nieren) en
levercirrose. Hij was kort daarvoor bij een
radiostation in Palm Springs begonnen.
Hij werd begraven op het Ferncliff kerkhof in
Hartsdale, New York en zijn as werd later
overgebracht naar de huidige locatie in de Rock and
Roll Hall of Fame op 21/3/2002.

In 1978 werd de film ‘American Hot Wax’
uitgebracht, die geïnspireerd was op Alan’s
bijdrage aan de rock ‘n’ roll scène, wat
aanleiding was voor een concert dat gehouden werd in
New York City in 1959. Alhoewel regisseur Floyd
Mutrux een fictief verslag maakte van Alan’s
laatste dagen in New York, door gebruik te maken van
echte elementen uit hun eigenlijke chronologie
gerukt, hangt de prent een accuraat beeld op van de
hechte relatie tussen Alan, de muzikanten die hij
draaide, en het publiek dat er naar luisterde. Heel
wat bekende namen kwamen in de film voor, zoals Jay
Leno, Fran Drescher, Chuck Berry, Screamin’ Jay
Hawkins, Frankie Ford en Jerry Lee Lewis.
In 1986 werd Alan samen met de eerste groep opgenomen
in de Rock and Roll Hall of Fame, die in Cleveland
opgericht was als eerbewijs aan Alan’s aandeel
in de promotie van het genre.
In 1988 werd hij postuum opgenomen in de Radio Hall
of Fame en zijn pioniersrol werd ook erkend door de
Rockabilly Hall of Fame.
Meer info:
www.alanfreed.com
www.history-of-rock.com/freed.htm
Patrick Van de Wiele


